Hamburg is aan 't bouwen van een nieuw Ethnografisch Museum. De
collecties van voorhistorische oudheden en de ethnografische
verzameling gaan verhuizen van den Steinthorwall naar de
Rothenbaum-chaussee aan de westzijde van de Buiten-Alster. Het nieuwe
gebouw zal 1-1/2 millioen mark kosten en moet over drie jaar klaar
zijn. De zoölogie blijft in het oude gebouw.
Sedert lang was de toestand onvoldoende; het museum aan den
Steinthorwall, dicht bij het hoofdstation gelegen, bestaat eigenlijk
uit een ledige ruimte met daaromheen liggende galerijen, drie
hoog, in den bouwstijl dus van sommige warenhuizen, maar zonder de
lift. Op den beganen grond en op de eerste twee galerijen huizen de
dierkundige verzamelingen; op de derde galerij zijn de ethnografische
collecties en de voorhistorische oudheden tentoongesteld. Daar is dus
een onbelemmerde, uit de holle ruimte komende trekking van lucht,
met stoffen en geuren; des zomers, als 't warm is, ruikt men boven
duidelijk het reusachtige walvischskelet, dat op den grond van den
koker, heel beneden, sluimert.
Nu is een deel van de galerijen afgesloten voor het publiek en tot
pakhuis ingericht; daar staat alles wat gereed gekomen is tot opneming
in het nieuwe gebouw. In het hamburgsche museum is de behandeling
der voorwerpen, vóór dat zij tentoongesteld worden, nogal omslachtig;
men reinigt daar alles gründlich. Iedere directie heeft daaromtrent
haar eigen meening en de meening van de hamburgsche directie is,
dat wasschen met zeep en soda aan ethnografica ten goede komt. Het
veelvuldig gebruik, het beduimelen, kan aan een voorwerp van gesneden
hout het uiterlijk van oud leder geven; de tijd brengt op metalen
de bekorende patina. Deze charmes duldt men er niet, en vermoedelijk
dáárom is men reeds begin Februari begonnen met den uithaal, die aan
de overbrenging naar het nieuwe museum moet voorafgaan.