In Witzenhausen, een klein plaatsje dichtbij Kassel aan de spoorlijn
Halle-Noordhausen-Kassel, is nu sinds tien jaren de duitsche academie
voor koloniaal onderwijs gevestigd, waar koloniale ambtenaren,
»wirthschaftliche Kolonialbeamten« zegt het programma, dus geen
bestuursambtenaren, en zelfstandige kolonisten practisch en theoretisch
voor hun overzeesch beroep worden voorbereid.
Bij de oprichting waren er tien leerlingen, welk aantal thans tot
negentig is gestegen. Bij de tegenwoordige inrichting kan men niet
meer leerlingen bergen, zoodat daar de aanvragen ver het aantal
beschikbare plaatsen overtreffen, men een keus kan doen uit de meest
geschikten. Daarbij wordt vooral gelet op practische hoedanigheden,
betrouwbaarheid, talent om met menschen om te gaan, ondernemingsgeest,
een goede gezondheid, zoo ver men daarover bij de opneming kan
oordeelen. In den loop van den tweejarigen cursus wordt steeds de
ontwikkeling dier eigenschappen nagestreefd.
Het is een school met internaat en al wordt er van een Hochschule
gesproken, wij denken meer aan een kostschool voor volwassenen, waar
we lezen, dat het kostgeld met inbegrip van het onderwijs tot nog toe
1300 mark bedroeg en in 1909 tot 1400 mark zal worden verhoogd. De
inrichting krijgt subsidie van de duitsche Kolonialgesellschaft en van
het rijk, wat ook wel noodig is, want er wordt nog altijd op de kosten
per leerling een niet onbelangrijke som toegelegd. In de vergadering
van de Koloniale Maatschappij, gehouden op 4 December verleden jaar,
zou de chemicus Moritz Schanz uit Chemnitz mededeelingen doen over
de school, maar er was zooveel aan de orde en de tijd was zoo ver
gevorderd, dat hij van zijn opdracht afzag. Nu heeft hij die vervuld
door een artikel in het maandblad der vereeniging, de Deutsche
Kolonialzeitung.