DE GERECHTSZITTING.

Dick, een neger met een niet geheel smetteloos verleden, stond terecht

voor een ernstig vergrijp. Toen hij later tot zijn vrije heuvels

teruggekeerd was, placht hij op een zonderlinge wijze een voorstelling

der gerechtszitting te geven. Op een open veldje zette hij een stuk

hout overeind dat den rechter voorstelde, "groot kerel-meester,"

een kleiner blok verbeeldde den griffier, twaalf andere de juryleden,

drie de advokaten en een groot blok tusschen twee andere in was Dick

zelf tusschen zijn bewakers. Na deze voorbereidingen stak hij van

wal met zijn beschrijving van het geding.

"Groot kerel-meester, hij ben zeggen: Dick, jij hoor mij? Jij

schuldig--jij niet-schuldig?"

Bekentenissen van een strandvonder: Het leven op mijn tropisch eiland · 第 91 / 97 题