DE BRUIDSVLUCHT.

Onder de vele onderhoudende en lieflijke tooneelen die zich afspelen

aan den zoom der wildernis, waar de zaagvormige bladeren van de

Godsvaren een levend netwerk over en tusschen den warboel der bladeren

vormen, is er geen lieflijker dan de bruidsvlucht van een groen en

gouden vlinder (Ornithoptera cassandra). Menschen, die bij hun huwelijk

zich zoo mooi mogelijk opschikken en zich op hun best trachten voor

te doen, mogen hun belangstelling niet onthouden aan andere, meer

etherische wezens, wie de goddelijke hartstocht bezielt. Alle schepsels

hebben hun oogenblikken van geluk en de vlinder--"de belichaming

van rein geluk, gelukkig in wat hij heeft en nog gelukkiger in zijn

zoeken naar iets anders", openbaart zijn liefde-verlangen en smart

als de hoogste bloei van zijn schoon en blij bestaan.

Bij de vrijage van deze vlindersoort spreidt het mannetje bijzondere

bekoorlijkheid ten toon, voor de betoovering waarvan het wijfje

zonder aarzelen bezwijkt. Luchtig fladdert hij in den zonneschijn,

stralend in een gewaad van groen, goud en zwart. Hij heeft nektar

gedronken uit de scharlaken hibiscusbloemen en heeft in wilde,

stormachtige vlucht boven de hoogste Baloghia gevlogen. Hij is dronken

van liefde. Maar, te oordeelen naar de uiterlijke verschijning,

heeft hij een vrij onwaardige bruid gekozen. Zij is veel grooter,

donkerder en zwaarder en heeft heel weinig van de schittering van

haren hartstochtelijken minnaar aan haar vleugels, ofschoon haar

lichaam daarentegen met een onvermoed rood versierd is. Haar vlucht

is gewoonlijk moeilijk en traag, haar geheele gedrag is ingetogen,

haast stijf. Zij is degelijk als een matrone, terwijl alleen reeds de

vorm van de vleugels van haar minnaar op een gansch andere opvatting

van het leven wijst. Hij is levendig, boordevol van nerveuse kracht,

vrij, onbezorgd, inconsequent, maar volmaakt onweerstaanbaar.

Wanneer het paar, in den tijd dat de verbeelding van vlinders vervuld

is van liefdedroomen, samenkomt, schiet hij heftig tot haar neer om

dan in een gracelijken boog weer op te stijgen, blijkbaar om haar

met het gespeel zijner kleuren te betooveren. En dadelijk laat

zij alle preutschheid varen en begint een trillende, fladderende

vlucht, rijzend en dalend met teere, rhytmische bevalligheid. Hij,

met snelle vleugelslagen boven haar zwevend, volgt harmonisch

al haar bewegingen. Zij vliegt over de boomtoppen of tusschen de

varens en struiken langs de blauwe bessen der inlandsche gember,

terwijl hij haar met uitgezochte, maar stoutmoedige hoffelijkheid

steeds meer bekoort. In schitterende spiralen flitst hij rond haar

heen als zij rust, om daarna zijn trillende vlucht weer te vervolgen,

geheel in harmonie met haar eigen, steeds bewogener gefladder. En hoe

ingewikkeld zij den dans ook maakt, hoe lang zij hem ook doet duren,

steeds volgt hij, vol blijheid en vertrouwen in heel zijn doen. Dan

laat de bruid zich neder op de roode knoppen van een magnolia om

zich te verfrisschen. Haar wieken sidderen onder het zuigen, terwijl

haar bewonderaar een meter boven haar heen en weer zweeft, even stil

staat in een houding die zijn bekoorlijkheden op hun voordeeligst

doen uitkomen, weer cirkelt met het air van een mateloos ijdelen,

zelfbewusten fat en dan omlaag zwiert tot zijn wieken de hare raken. En

opnieuw dwarrelt het lieflijke paar door de schemerende wildernis. Een

levende, schoon klanklooze symphonie, een teere harmonie van blijde,

hartstochtelijke trillingen.

Bekentenissen van een strandvonder: Het leven op mijn tropisch eiland · 第 52 / 97 题