Het is moeielijk aan hen, die nimmer in de IJszeeën geweest zijn,
een flauw denkbeeld te geven van al het onaangename van een
poolmist,--schreef Beynen in zijn verslag. "Uren, dagen, weken
lang bleef de Willem Barents in zulk een nevel varen, wat zelfs
den vroolijkste aan boord stil, somber en in zichzelf getrokken
maakte. Buiten het schip zag men niets als een grauwe dampmassa,
die lucht en zee ineen deed smelten en er alle kleur aan ontnam.
"Hoewel de temperatuur der lucht om en bij het vriespunt bleef,
waren tuig en zeilen aanhoudend kil, nat en doordrong die aanhoudende
dampmassa zelfs de warmste kleeren. Beneden in het schip was het niet
droog te krijgen. De met mist bezwangerde atmospheer condenseerde tegen
het koude bovendek en veroorzaakte in het logies een voortdurenden
drupregen. Op de bedden konden geene lakens meer gebruikt worden,
op de matrassen zat de schimmel vingerdik, zoodat men dag en nacht
in eene geheel natte omgeving leefde.
"De eerste dagen verleenden de goedsluitende oliepakken nog een
weinig bescherming, doch ook zij bleken weldra niet bestand te zijn
tegen den alles doordringenden vijand. In dit reservoir van killen
waterdamp moest de bemanning der Barents nu onafgebroken de meest
verschillende waarnemingen verrichten, die voornamelijk bestonden
in het peilen van de diepte der zee, het nagaan van de temperatuur
er van op verschillende diepten, en het dreggen met het sleepnet. Om
dit werk behoorlijk te kunnen doen begon het wachtvolk dan ook reeds
's morgens om 4 uren het schip er voor in gereedheid te brengen. Er
werden twee reven in het achterzeil gestoken, ten einde het zeil hoog
genoeg te kunnen hijschen om den schoorsteen op den stoomketel te
kunnen plaatsen; de groote rol, waar het zware dregtouw om heen was
gewonden, werd opgetuigd om bij het over boord gaan van het sleepnet
geleidelijk te kunnen afloopen; de stoomketel werd vol water gepompt en
het vuur er onder ontstoken. Dan ging het sleepnet te water en werd het
sleepgetouw tot ongeveer drie- viermaal de diepte der zee uitgezeild,
waarna men een zwaar gewicht langs de lijn naar beneden liet zinken tot
het tegen een daarvoor op het dreggetouw bevestigden stok bleef zitten
en het sleepnet naar den bodem der zee hielp zinken, wat bespoedigd
werd door de vaart van het schip te verminderen, door stagzeil en
voorschoenerzeil te bergen en hoog aan den wind te sturen. Had het
sleepnet den bodem bereikt, dan deed men het langzaam over den grond
schrapen en begon men 's morgens ongeveer om 9 uur met de stoomlier
de lijn weder in te winden, zoodat na ruim een half uur het sleepnet
binnen boord werd gehaald dat te midden van veel slijk en modder de
meest vreemdsoortige diersoorten bevatte. Terwijl Dr. Sluyter uren
lang die koude slijkmassa doorzocht, ging luitenant Speelman, daarin
bijgestaan door Dr. Hijmans voort met het waarnemen der temperatuur
van de zee op verschillende diepten, waartoe hij de "Negretti en
Zambra's reversible deepsea thermometer" of "Eckmann's apparatus"
gebruikte, met welk laatste instrument men tevens tegelijkertijd het
soortelijk gewicht van het zeewater kan bepalen.
"Tegen dat luitenant Speelman hiermede gereed was, sloeg het twaalf
uur, kwam het ander kwartier, bestaande uit drie man, aan dek en
werd met de geheele bemanning zeil gemaakt, ten einde den gedurende
het dreggen verloren tijd weder in te halen. De reven werden uit het
achterzeil gestoken, het water uit den ketel gespoten, de schoorsteen
omlaag genomen en te één uur geschaft. 's Middags werd alles weder
afgetuigd en het dek gespoeld, wat hoog noodig was, daar het slijk
van het sleepnet en het roet van den stoomketel het geheele schip
met een dikke laag vuil hadden bedekt. Hiermede was men tegen 4 uur
klaar gekomen waarna verder, ook gedurende den nacht, na iedere 5 mijl
grond werd gelood, en de temperatuur van het water op den bodem der zee
werd waargenomen. Daar de stoomketel dan niet was ontstoken, moest de
lijn met de hand of door middel der handlier worden ingewonden, wat
gewoonlijk een klein driekwartieruurs vorderde. Daarbij moesten nog
ieder uur waarnemingen worden gedaan omtrent de kracht en richting
van den wind, omtrent den toestand van zee en lucht, omtrent de
temperatuur van het zeewater aan het oppervlak, enz. enz., terwijl nog
herhaaldelijk met een door professor Stamkart uitgevonden instrument
de locale intensiteit van het aardmagnetisme bepaald werd. Zoo ging
het dagen en weken onafgebroken voort, zonder dat ooit een enkel
helder zonnestraaltje de doodsche sombere omgeving kleurde.
"Toch werd het werk zelfs door de matrozen met ijver en lust verricht;
het was alsof ieder door aanhoudend werken de sombere stemming wilde
verdrijven, waarin het aanhoudend natte kille weer de gemoederen
bracht. Men dacht aan niets dan aan het nemen van waarnemingen,
men stond, om zoo te zeggen, er meê op en ging er meê naar bed, en
er zijn voorbeelden dat officieren 's nachts droomend opsprongen met
den uitroep, dat het soortelijk gewicht van het water 1029 was.
"Er ontstond een edele naijver omtrent de beste en nauwkeurigste
wijze van observeeren; men ging er bijna toe over elkander onderling
te controleeren, men getroostte zich gaarne voor iedere waarneming het
grootste ongemak, ja werkelijk soms was het alsof eene observatiekoorts
de geheele bemanning der Willem Barents had aangetast."
Dus volgden achtereen vele etmalen, waarin steeds nacht en dag moest
gewerkt worden in somberen mist en killen waterdamp, maar jeugd
en geestdrift heerschten aan boord. Kommandant de Bruyne ging kalm,
hartelijk en met een onverstoorbaar goed humeur allen voor in vroolijk
werk en rustelooze waakzaamheid, en onder de zonnige dagen van hun
leven zullen Beynen's vrienden op de Barents steeds de vele dagen en
nachten rekenen toen ze kruisten in de Barentszee, terwijl het mistte
op het dek en drupregende in het logies.