DIT HEEFT FASTA GEZEGD.

Alle inzettingen die eene eeuw, dat is honderd jaren, mogen omloopen

met den Kroder (kruijer) en zijn Juul, die mogen op raad der Eeremoeder

en bij gemeene wil op de wanden der burgten gegrift worden; zijn

zij op de wanden geschreven, dan zijn zij wetten (ewa), en het

is onze plicht om die alle in eere te houden. Komt nood en dwang

ons inzettingen te geven, strijdende met onze wetten en gewoonten,

zoo moet de mensch doen gelijk zij eischen; doch zijn zij geweken,

dan moet men immer tot het oude terugkeeren. Dat is Fryas wil en dat

moet wezen die van alle hare kinderen.

Thet Oera Linda Bok, Naar een Handschrift uit de Dertiende Eeuw · 第 10 / 118 题