Verschillende organen van de mannetjes om de wijfjes te grijpen.—
Verschillen tusschen de seksen, waarvan de beteekenis niet
wordt begrepen.—Verschil in grootte tusschen de seksen.—
Springstaarten (Thysanura).—Tweelingen (Diptera).—Halfvleugeligen
(Hemiptera).—Gelijkvleugeligen (Homoptera); alleen de mannetjes
bezitten het vermogen muzikale geluiden voort te brengen.—
Rechtvleugeligen (Orthoptera); de muziekwerktuigen der mannetjes
van zeer verschillend maaksel; strijdlustigheid; kleuren.—
Netvleugeligen (Neuroptera); seksueele kleurverschillen.—
Vliesvleugeligen (Hymenoptera); strijdlustigheid en kleuren.
—Schildvleugeligen (Celeoptera); kleuren; sommige bezitten groote
horens, die blijkbaar tot versiering strekken; gevechten;
sjirporganen gewoonlijk aan beide seksen gemeen blz. 531.