De aard en waarde van soortkenmerken.—Toepassing op de
menschenrassen.—Bewijsgronden voor en tegen het rangschikken der
zoogenaamde menschenrassen als afzonderlijke soorten.—Onder-soorten
(Sub-species).—Monogenisten en polygenisten.—Convergentie van
kenmerken.—Talrijke punten van overeenkomst in lichaam en geest
tusschen de meest verschillende menschenrassen.—De toestand van den
mensch toen hij zich het eerst over de aarde verspreidde.—Elk ras
stamt niet af van een enkel paar.—Het uit sterven van rassen.—Het
ontstaan van rassen.—De uitwerkselen van kruising.—Geringe invloed
van de directe werking der levensvoorwaarden.—Ook de natuurlijke
teeltkeus heeft daarop weinig of geen invloed.—De seksueele
teeltkeus blz. 329.