„Wed. met groote zaak, niet in staat deze alleen te besturen, zoekt in
kennis te komen met flink persoon, 40-50 jaar, liefst _vakkundig in Glas-
en Aardewerk_, om na goedvinden te huwen. Brieven met portret, enz.” —
Adv. _N. v. d. D._
De weduwe ontving een brief-met-portret,
die haar aanstond, dacht
aan Vondel’s rei:
Waar werd opreghter trou
Dan tusschen man en vrou
Ter weereld oyt gevonden?
Twee sielen, gloend aan een gesmeed
Of vast geschakelt en verbonden
In lief en leed.
Zoo sterck verbind de band
Van ’t paer, door hand aan hand
Verknocht, om niet te scheyden,
Na datse jaeren lang gepaert
Een kuysch en vreedsaem leven leyden,
Gelijck van aerd.
Daar zoo de liefde viel,
Smolt liefde siel met siel,
En hart met hart te gader.
De liefde is stercker dan de dood,
Geen liefde koomt Gods liefde nader,
Noch is zoo groot.
Geen water bluscht dit vuur,
Het edelst, dat natuur
Ter weereld heeft ontsteecken.
Dit is het krachtighste ciment,
Dat harten bind, als muuren breecken
Tot puyn in ’t end.
Door dese liefde treurt
De tortelduyf, gescheurt
Van haer beminden tortel.
Sij jammert op de dorre ranck
Van eenen boom, verdrooght van wortel,
Haer leven langk......
greep naar de pen, en antwoordde in ontroering:
Waar zou opreghter trou
Dan tusschen mijn en jou
Op aerd gevonden worden?
Twee sielen, vastgelymt, geperst,
Als goed gerepareerde borden:
Je siet geen berst.
Zoo sterck verbind de band
Van ’t paer, dat door de krant
Elckander heeft gevonden.
Na datse jaeren lang gespaert,
Bezuinigt hadden, waer ze konden,
Gelijck van aerd.
Ick doe — ick ben niet sterck —
In _Glas en Aerdewerck_.
Ay! streef met mij te gader!
Mijn liefde, stercker dan de dood,
Maakt jou misschien nog eens tot vader!
De kans is groot.
Geen water bluscht dit vuur,
Het edelst, dat natuur
Ter weereld heeft ontsteecken.
En als j’ ook goed _vakkundig_ bent,
Dan blijf ’k je trou, als glazen breecken
Tot gruys in ’t end.
Door dese liefde treurt
De tortelduyf, gescheurt
Van haer beminden tortel.
Maar wij beminnen, wang aan wang
Te midden van schael, glas en bord el-
kaer — levenslang......