6. ZAK-DRAMA.

Flirt

Zeurt.

Vrouw

Wou.

Man

Dan:

„Graag?” —

„Vraag

Pa!” —

„Ja”.

Pa,

Ma:

„Ja”.

Ha!

Echt

Slecht:

Drie

Kindren,

Die

Hindren.

Tweel-

ing:

Heel

Ding!

Elk

Melk:

Dorst!

Borst.

Meer

Kindren

Rijk:

Zeer

Hinder-

lijk.

Dan

Man

Vroeg

Kroeg.„

’k Blijf

Laat”.

’t Wijf

Kwaad.

’t Wijf, ’t

Kijft;

Man

Later:

Kan

Water

Op

Kop.

Ziet

Haar

Boos,

Vliedt

Naar

Soos.

Hij

Praat

Zij

Slaat,

Bijt,

Smijt,

Mist

Vaak;

Is ’t

Raak,

Dan

Hard,

Man

Smart.

Zij

Vloekt.

Hij

Zoekt

(Laf!)

Vond,

Vlonder:

Af-

Grond

Onder.

Zegt:

(Slecht!)

„Ga

Mee!

Ja?”

„Nee”.

„Nou,

Kom!”

Vrouw

(Dom!)

„Goed”.

Doet.

„Ga

Voor”.

„Ja,

Hoor”

Gil......

Stort!

Stil......

Vort......

......

......

......

Hij

Blij!

Ruize-rijmen · 第 147 / 248 题