Nr. Bldz.
1 De bloedgebeden 34
2 Het schoonste 37
3 Dappere soldaten, bange diplomaten 39
4 Zes diplomaten 40
5 Aan Cort 41
6 Niederland! die Waffen nieder! 42
7 Moeder, wil U baby roepen? 43
8 The Hymn of Hate 44
9 Conspuez! 45
10 Olieverf-rijm 46
11 De tien 47
12 ’t Wordt weer aangevuld 49
13 In den gulden riddertijd 50
14 „Schimpt heuschelijck!” 51
15 Dietschland, Dietschland, ueber Alles! 53
16 O, gij, eens de zon van mijn leven 54
17 Ach, deden wij ook maar mee! 55
18 Dat is het! 56
19 Wanhopig besluit van een geslingerd krantenlezer 58
20 Die grosze Zeit 59
21 De groote toevlucht 59
22 Ik heb nu net een jaar gemoord 61
23 De Hochkultur en de Blooming Foreigner 62
24 Open brief 64
25 De Toekomst 66
26 Wat zij kunnen doen 67
27 O, die blinde, blinde, blinde... 67
28 De zwarte lijn 69
29 De melkknecht en de Duitsche Kultur 70
30 We wonen in een houten huis 72
31 Leuzen-rijm 72
32 Reik mij de hand, of... 74
33 Wij! 75
34 De snoevers 76
35 Divina Comoedia 77
36 Onze oude 78
37 De striktste bevelen 79
38 Quod licet Jovi non licet bovi 80
39 De gevallen ruiter 82
40 De toekomstige leiding der menschheid 82
41 Biologische Friedensrüstungen 83
42 Leugen-rijm 85
43 Roffel-rijm 87
44 Charivarius’ bekeering 88
45 Het Meilied der moeders 90
46 Majesteit of het koningschap volgens Tsaar en Keizer 91
47 Prinsen-rijm 92
48 Een neutraal lied van den oorlog en het Opperwezen 93
49 Aan Frans Bastiaanse, mijn concurrent-ruize-rijmer 96
50 Aan Charivarius 97
51 Vorstenschool 99
52 Karl en Zita of het bioskoopgevaar 101
53 Mies, Charivarius, de kanarie en de oorlog 102
54 O! O! O! 103
55 Een faillissement 105
56 Wij Duitschers, voorheen en thans 108
57 Hoog bezoek 109
58 De brief van den vader 111
59 Hoezee! 112