HET ONDERZOEK NAAR DE HOOGERE LUCHTSTREKEN.

De hoogere luchtstreken, waar de meteoren gloeien, waar regen, hagel

en bliksem geboren worden, hebben steeds de nieuwsgierigheid der

menschen gaande gemaakt; maar eeuwen lang zijn de bergen het eenige

hulpmiddel geweest om deze luchtstreken te bereiken. Bovendien waren

de toppen der bergen, met hun sneeuw en ijs, voorheen voorwerpen

van hevigen afschrik. De reizigers, die de stoutheid hadden gehad

het zoo hoog te wagen, hadden zulk groot ongerief ondervonden,

ten gevolge van de ijle lucht en de kou, dat men zich van een berg

een vreeselijk denkbeeld maakte. Toen Pedro de Alvarado in 1534 de

verovering van Peru ondernam, moest hij de Andes overtrekken op een

hoogte van 4800 meters; een gedeelte van zijn leger bezweek te midden

dezer hooge gewesten, en zij die den tocht overleefden, hadden in

die mate geleden van den ijlen dampkring en de lage temperatuur,

dat velen de vingers afgevroren waren en allen er als lijken uitzagen.

Tot aan het einde der vorige eeuw hield men de bestijging van den Mont

Blanc voor iets onmogelijks. Toen een Engelschman, Windham geheeten,

in 1741, besloot de ijsbergen der Alpen te beklimmen en zich tot

Montanvers te wagen, waren de bewoners van Chamounix overtuigd, dat

hij niet slagen zou. De voorzorgsmaatregelen, die hij nam, zouden

onze tegenwoordige touristen hartelijk doen lachen.

Eenige maanden na Windham's onderneming scheen het jammerlijk

uiteinde van Plantade diegenen in het gelijk te stellen, die nog

altijd een zwaar hoofd hadden in het bestijgen van bergen. Plantade,

een sterrekundige van Montpellier, wel bekend wegens zijn ijver voor

de wetenschap, had eenige onderzoekingen in het werk gesteld naar den

barometerstand op de hoogste bergen der Pyreneën. Den 28sten Augustus

1741 viel hij in onmacht bij de »Hourquette des Cinq Ours", op den

Pic du Midi, en stierf aan de zijde van zijn quadrant, op een hoogte

van 2400 meters, in den ouderdom van niet minder dan zeventig jaren.

Eén der eersten, die de vlag der wetenschap op meer dan 4800 meters

boven het oppervlak der zee geplant heeft, was een eenvoudige gids der

Alpen, Jacques Balmat, die aldus den weg baande voor de roemrijke daden

van de Saussure. Was Balmat van geringen stand, hij was groot door het

hart, groot van moed, krachtig van wil, onwrikbaar waar hij zich een

groot doel voor oogen stelde. Nadat de Saussure te vergeefs beproefd

had den top van den Mont Blanc te bestijgen, besloot Balmat bij zich

zelven het met den reus der Alpen te wagen. Hij verlaat de zijnen,

en is dagen lang afwezig. Hij beklimt gletschers, werkt zich over

spleten heen, trotseert den sneeuwval, klautert onvermoeid voort,

en blijft verkleumd van de kou drie nachten in de sneeuw zitten,

om niet in den afgrond te storten, staat honger en dorst manmoedig

door, komt afgemat en uitgeput thuis, herstelt zich, vangt weder aan

met onverwinbaren moed en smaakt eindelijk, den 9den Augustus 1786,

de voldoening, de ijzeren punt van zijn Alpenstok te slaan in den

hoogsten bergtop van Europa.

Nog vóór Balmat was zekere Bourrit door de hooge bergtoppen

aangetrokken geworden. Hij was schilder op email, maar had dat

vak vaarwel gezegd, om zich gansch te wijden aan het bestijgen en

verkennen dier hoogten, die het onderwerp hadden uitgemaakt zijner

schilderingen. De Saussure heeft hem een welverdiende hulde betoond,

wanneer hij zegt: »Bourrit legde voor de verovering van den Mont

Blanc nog meer ijver aan den dag dan ik. In 1812 kwam Bourrit, op

tachtigjarigen leeftijd, van zijn laatsten tocht, met verstijfde

beenen terug."

Ellendiger was het lot van Balmat, die den dood te midden van het ijs

vond. Soms bracht hij één of twee weken buiten 's huis door. Eens,

in September 1834, vertrok hij weder naar het gebergte, maar men

zag hem niet wederkomen. De krachtige man, door Alexander Dumas

de Christophorus Columbus van den Mont Blanc genoemd, was in een

onbereikbaren afgrond neergestort.

Na Balmat en de Saussure zijn nog andere bergbestijgers naar de hoogere

luchtstreken opgeklommen. De hoogste hoogte is hierbij bereikt door

twee Beieren, de gebroeders Slagintweit. Den 19den Augustus 1856

hebben deze stoutmoedige mannen den Ibi-Gamim in Thibet beklommen, op

wier top zij een hoogte van 6810 meters bereikten boven het oppervlak

der zee. Een paar jaar later werd één der drie broeders, Adolf, te

Kasghar door Muzelmannen vermoord, toen ter tijde in oorlog met China.

De luchtreizigers stellen zeker, bij het onderzoek naar de hoogere

luchtlagen, een veiliger en gemakkelijker hulpmiddel onder ons

bereik. Doch ook de luchtreis telt hare schipbreuken en hare

slachtoffers.

De broeders Montgolfier vonden op het einde van de 18de eeuw het

luchtschip uit. De proeven, genomen te Annonay, op het Champ de Mars,

op een der pleinen van de Tuileriën, te Versailles, Lyon, Dyon en

Milaan, deden overal van den luchtballon spreken, en Pilâtre de

Rozier vatte het plan op, de straat van Calais met het luchtschip

over te steken. De zucht om iets groots te doen, de wetenschap te

dienen, het door hem in 1781 gesticht Lyceum in eere te brengen en

zelf naam te maken, dreven hem tot dat waagstuk. Hij liet dus den

controleur-generaal van finantiën, den heer Calonne, weten, dat zoo de

staat de expeditie wilde bekostigen, hij de uitvoering er van op zich

nam. Zijn verzoek werd ingewilligd en 42000 fr. werden hem toegewezen.

Romain, die toen ter tijde met zijne ballons veel eer inlegde, hielp

Pilâtre. Hij verbond zich een luchtballon te vervaardigen van 30 voet

middellijn voor een som van 6000 fr. Van het gouvernement verkreeg

Pilâtre de zaal der garden met nog een ander vertrek, beiden in de

Tuileriën, tot zijn beschikking.

In het eind van Augustus werd het werk begonnen; na zes weken was

het gereed. Zeven honderd ellen witte taf waren er voor gebruikt en

het snijden der banen werd door Sigaud en Lafond bestuurd. Met de

meeste zorg ingepakt, kwam de ballon goed en wel te Boulogne aan,

waar de opstijging zou plaats vinden.

Pilâtre kwam den 20sten December 1784 aan, en twee dagen na zijn

aankomst aldaar, vernam hij welke toebereidselen door Blanchard

in Engeland gemaakt werden tot een dergelijke luchtreis als die,

welke hij in den zin had. Hij ging naar Dover, sprak met Blanchard,

voedde een oogenblik de hoop dat diens reis niet zou doorgaan; maar

werd spoedig door de oude vrees bekropen en kwam naar Boulogne terug,

waar hij Romain en zijn broeder achterliet, om zelf, diep ongelukkig,

zich naar Parijs te begeven.

Ondertusschen stegen Blanchard en de engelsche dokter Jefferies,

den zevenden Januari 1785, van het kasteel van Dover op en kwamen

ongedeerd en wel in het bosch van Guines neder, na niet weinig gevaren

te hebben doorstaan.

Zij kwamen te Parijs, waar Pilâtre hen minzaam begroette en zich goed

hield, ofschoon hij de eer van het eerst de zee te zijn overgestoken

aan zijn mededinger moest afstaan. Hij vroeg nu verschoond te mogen

blijven van de reis, en de minister onthief hem van zijn verplichting;

maar verlangde het geld terug, dat hij nog niet aan zijn ballon had

besteed. Ongelukkig had Pilâtre, toen hij nog zeker was van zijn

zaak, dit geld reeds uitgegeven. Hij begaf zich dus naar Boulogne,

vast besloten zijn stoutmoedig opzet tot elken prijs door te zetten.

Pilâtre begon zich nu bezig te houden met zijn aanstaand vertrek. Er

werden proeven genomen met kleine losgelaten ballons, die echter

voortdurend landwaarts dreven. Ondertusschen ging de tijd voort en

werd de ballon er niet beter op, die, in een hoek der vestingwerken

geborgen, te lijden had, niet alleen van het weder, maar zelfs van

de ratten.

Eindelijk scheen de lang verwachte tijd aangebroken. Het weder was

fraai, de wind was gunstig en den 15den juni zou de opstijging plaats

vinden. Men begon, wegens de hitte, de toebereidselen bij het krieken

van den dag en om half acht was men gereed. Romain en Pilâtre de

Rozier stegen in. De markies de Maisonfort wilde hen vergezellen,

maar werd door Pilâtre ter zijde genomen: »Wij kunnen staat maken

noch op het weer, noch op den ballon!" voegde hij hem toe; en zoo

vertrokken zij. Een salvo van de artillerie begroette dit heugelijke

feit. Trotsch en statig verhief de ballon zich loodrecht tot haar

hoogste punt, berekend op 600 vamen, vervolgens richtte hij zich naar

het Noorden, tot boven de klippen van la Crèche, waarna zij door

den hoogen luchtstroom langzaam naar het vaste land begonnen af te

drijven. Nog trilden de bijvalsbetuigingen der onafzienbare schare

door de lucht en oogde men bewonderend en deelnemend het luchtschip

na, toen een ontzettende kreet, uit duizend monden opgegaan, maar al

te duidelijk liet vermoeden wat er gebeurd was. De ballon rimpelde,

viel ineen en met een onbeschrijfelijke en telkens toenemende

snelheid plofte het gansche samenstel met de twee ongelukkigen

naar de aarde. Hartverscheurend was het de beide al te stoutmoedige

reizigers daar te zien nederliggen, meer dan verpletterd door den

ongehoorden val.

Zoo kwamen Pilâtre de Rozier en Romain om. Pilâtre was nog maar 28

jaren oud. Hij was te Metz geboren en naar Parijs gekomen, waar hij

zich door zijne toewijding voor de wetenschap onderscheidde.

Na de beide genoemde martelaren volgt de italiaansche graaf Zambeccari.

Volgens het stelsel van de Rozier werd de ballon met lucht gevuld,

die door middel van een stroovuur verwarmd werd, en al naarmate zij

meer of minder verwarmd werd, den ballon rijzen of dalen deed. Dit

stelsel van verwarming werd door Zambeccari ook op het waterstofgas

toegepast en in dit geval niet onjuist een stelsel van vuur en kruit

genoemd. Meer dan eens trachtte hij te Boulogne op te stijgen; doch

de proef mislukte telkens. Het publiek begon hem uit te jouwen en

hem voor waanzinnig of lafhartig uit te maken. Nog eens zou hij de

proef nemen. Wel hadden er bij het vullen van den ballon weer een

paar ongelukken plaats gehad; maar thans moest hij opstijgen, wilde

hij niet door de hartstochtelijke menigte gesteenigd worden.

Eindelijk steeg de luchtreiziger op, te middernacht. »Uitgeput van

vermoeienis en vasten," zoo verhaalt hij ons, »bitter gestemd, de

wanhoop in het hart, steeg ik op, zonder iets anders te verwachten dan

dat mijn ballon, die veel geleden had, maar kort zou leven." Zambeccari

was vergezeld van twee getrouwe vrienden, Andreoli en Grassetti. In

de dichtste duisternis gehuld, samengescholen in het schuitje, hadden

zij de bitterste koude te verduren. Ten twee ure meenden onze reizigers

het gedruisch van water te hooren en een uur later zweefden zij eenige

ellen boven de zee, het was de Adriatische. Zij wierpen ballast uit

en stegen weder omhoog, zoodat zij veel te lijden hadden van kou,

neusbloedingen, brakingen, verstijving enz. Des morgens zweefden zij

weder boven de zee. Zambeccari ziet van verre land; maar de luchtstroom

keert en drijft hen op nieuw naar de volle zee, de wanhoop en het graf

heen. Er naderen schepen, maar de schepen wijken. Toch niet--één der

kapiteins overwint zijn schroom bij het nog altijd ongewone schouwspel,

en neemt onze vrienden aan boord. Grassetti geeft nauwelijks teekenen

van leven, Zambeccari en Andreoli liggen zoo goed als in onmacht.

In het jaar 1812 is de ongelukkige graaf op een ellendige wijze

omgekomen. Genoopt zijn opstijgen te bespoedigen en zich te haasten is

hij boven in de lucht met zijn ganschen toestel in de brand gevlogen,

en half verminkt, half verkoold nedergekomen. Hij heeft vele zijner

lotgevallen eigenhandig beschreven, en die geschriften dragen overal

de sporen van de grootste toewijding en waarheidsliefde. Zijn leven

was een aaneenschakeling van ongelukken. Hij diende bij de marine en

werd in 1787 door de Turken gevangen genomen. In 1790 zat hij in het

bagno van Toulon, en in dit vreeselijk verblijf van ellende was het,

dat hij besloot zich aan de luchtvaart te wijden en door de vrije

hemelen te vliegen.

In 1802 kwam Olivari, te Orleans, op dezelfde wijze als Zambeccari

om het leven. In 1806 stortte Mosment te Rijssel van boven uit den

ballon, en in 1812 vatte Bittorf's ballon vlam boven Mannheim en

werd hij zelf op de daken der stad verpletterd. In 1819 stak mevrouw

Blanchard te Parijs vuurwerk in haar ballon af. Onder het gejuich

en het handgeklap der menigte vloog haar ballon in brand, hetgeen

voor een nieuwe kunstvertooning gehouden en met nieuwe en daverende

toejuichingen begroet werd. De ballon daalde, als door een wonder,

langzaam neder en gleed af langs een huis. »Gered!" riep de moedige

vrouw; maar de mand, waarin zij zich bevond, bleef aan den muur haken,

en de wonderbaar geredde werd naar omlaag uitgeworpen. Op dergelijke

wijze kwam Sadler, de beroemde engelsche luchtschipper, in het jaar

1824 om, bij een storm. In 1846 werd Arban, te Triëst, schoon nog niet

gereed met het vullen van zijn ballon, door het ongeduldig en woedend

geworden volk zoo bedreigd en aangevallen, dat hij, om zich te redden,

het schuitje loshaakte ten einde daarmee den ballon te ontlasten, en

op een touw gezeten naar boven steeg, zonder anker, zonder lijn. Hij

drijft al verder en verder en als hij daalt bevindt hij zich boven

de zee. De ballon sleept hem door de golven, maar houdt hem boven,

terwijl hij zich krampachtig aan het touwwerk vastklemt. Een paar

visschers nemen hem op, meer dood dan levend. Later, van Barcelona

opgestegen, is hij voor goed verdwenen.

Nog zij hier meegedeeld het ongeval van Spinelli met den Zenith. Den

10den Juli 1845 werd deze luchtreiziger te Montbazillac geboren. Hij

was een der beste leerlingen van de École centrale des Arts et

Manufactures. De ingenieur behoorde tot de keurbende van Frankrijk's

jonge mannen. Zijn hart sloeg warm voor de zijnen en was vervuld van

de edelste opwellingen. Zijn eerzucht was van de beste soort. Een

edele vaderlandsliefde, een diepe eerbied voor 't geen goed en recht

is, een innig geloof aan den vooruitgang, een ware hartstocht voor de

wetenschap bezielden hem en hielden zijn gedachten bezig. Daarbij had

hij een bijna vrouwelijke teederheid en een onbezorgdheid, die hem iets

onwederstaanbaar beminnelijks gaven. Edelmoedig, goed, fijngevoelig en

altijd vriendelijk, stal hij met zijne schoone blauwe oogen aller hart.

Crocé-Spinelli had reeds eenige proefstukken van werktuigkunde

geleverd en eenige goede bijdragen van kritisch wetenschappelijken

inhoud geplaatst in het dagblad la République Française, toen hij

opgenomen werd in den kleinen kring van eenige wetenschappelijke

mannen, die de eerste kern uitmaakten van de Société Française de

navigation aérienne. In het midden van dezen kring ontmoette hij Sivel.

Theodore Sivel, in 1834 geboren, had lang ter koopvaardij gevaren

en vreemde landen bezocht. Toen de Oceaan geen geheimen meer voor

hem had, werd hij aangetrokken door de groote luchtzee. Sivel was

donker van uitzicht, had zwarte, glinsterende oogen, lange golvende

haren en was vol geestdrift en veerkracht. Hij was hartstochtelijk

van aard, buitengewoon sterk en van een vastberaden karakter. Zijn

rechtschapenheid, zijn degelijkheid, zijn goedhartigheid, zijne

beschaving, maakten van hem een buitengewoon man. Theodore Sivel

had zich met hart en ziel aan de luchtvaart overgegeven. Na meer dan

twee honderd malen in den vreemde en meer bepaald in Denemarken met

den luchtballon te zijn opgestegen, was hij een even volleerd lucht-

als zeereiziger geworden.

Sivel en Crocé-Spinelli moesten, eens met elkaar in aanraking gebracht,

elkander onwederstaanbaar aantrekken. Zij besloten de handen ineen

te slaan, om samen de wetten der hoogere luchtstreken op te sporen

en het voorbeeld te volgen van zoovele edele voorgangers. De Société

Française de navigation aérienne, voor wier ontwikkeling zij zoo

veel hadden gedaan, stelde hen in 1874 in staat een luchtvaart te

ondernemen en bij dezen tocht stegen zij tot op 7300 meters.

De heer Tissandier, de schrijver van het werk dat wij volgen, en mede

een luchtreiziger van naam, werd later de vriend van beiden en de

derde in hun verbond. Na in hun gezelschap met den Zenith de langste

luchtreis gemaakt te hebben, welke ooit gedaan was, ondernam hij met

hen den tocht, die aan Sivel en Spinelli het leven kostte.

Hier vinde de heldendood dezer beide reizigers een plaats. Den 15den

April 1875, 's namiddags ten half twee ure, dreef de Zenith in de

hoogere luchtstreken. Reeds waren de ijzige hoogten bereikt, waar

eeuwige stilte en doodsche eenzaamheid heerschen. De drie reizigers,

door de ijle, koude lucht bevangen, vielen één voor één in dien

vreeselijken slaap, tegen welken de wil te vergeefs worstelt. Na

tot 8600 meters te zijn opgestegen, daalde de ballon in de lagere

lucht neder--één van de reizigers, Tissandier, ontwaakte, om de zwart

gevroren lijken van zijne reisgenooten naar de aarde terug te voeren

en aan haar schoot toe te vertrouwen.

Gansch Europa voelde zich bewogen bij den dood dezer martelaars,

en oogde hen na in het graf. Maar zij sterven niet. Zij laten den

lichtglans en de schoone en bezielende herinnering achter van hun

moed en zelfopoffering.

De martelaars der wetenschap · 第 10 / 27 题