II. Confucius, zijn leven en leer 157-178

Zijn geboorte, naam, familie.--Zijn jeugd en huwelijk.--Bekleedt

verschillende betrekkingen.--Zijn roem.--Confucius' vlucht uit

Lu.--Keert terug.--Wordt beambte der stad Chungtu.--Klimt ten

slotte tot minister van justitie op.--Valt in ongenade.--In

ballingschap.--In 483 in Lu terug.--Zijn dood en laatste

woorden.--Eerst lang na zijn dood in eere.--Ten slotte

afzonderlijke tempels voor hem.--Ook thans bij de Mandschoe

regeering zeer geëerd.--Confucius' leer niet nieuw.--Stelde

het ordelijke, regelmatige op den voorgrond.--Afkeer

van bespiegeling over 's menschen toekomst.--Confucius'

nauwgezetheid en vormelijkheid.--Welken indruk wij van zijn

persoon krijgen.--Zijn ontmoeting met Lao-tsze.--Oordeel van

Taoïstische werklieden.--Confucius en de roover Kih.--Oordeel

van Wang-Chung.--Oordeel zijner leerlingen.--Confucius kind van

zijn tijd en volk.--Kritiek van zijn leerling Tsze lu.--Zijn

grief, dat hij miskend werd.--Zijn zwakheid.--Zijn leer der

wederkeerigheid.--Zichzelf en anderen opvoeden.--Opvatting

van gehoorzaamheid.--Kinderlijke liefde begin van alle

deugd.--Aanprijzing van zelfopvoeding.--Goed voorbeeld geven.--Zijn

ware natuur volgen.--Harmonie bewaren.--Anderen behandelen, zooals

men zelf behandeld wil zijn.--Ideaal van den wijze.--Fouten

zoeken in zichzelf.--De vijf wederkeerige plichten.--De drie

eigenschappen.--Waardoor zij uitgeoefend worden.--Negen regels

voor de beheerschers des rijks.--Vorm, waarin Confucius zijne leer

kleedt ook niet oorspronkelijk.--Wat Confucius eens op een beeld

las in 517 v. Chr.--Verval van Confucius' leer na zijn dood.

De wijzen van het Oosten Brahmanisme, Boeddhisme, Chineesche philosophie, Mazdeïsme · 第 68 / 78 题