4 Overlijden.

{7 Redjeb 1834 =

5 {

{17 September 1904.

Het portret van de schrijfster, met hare handteekening, komt voor op een

groepje van het "klaverblaadje", dat zij ons in 1902 toezond.

De vignetten zijn penteekeningen naar eigen potloodschetsen vervaardigd

door "Moedertje" (VIII), die voor het eerst zich aan dergelijke

teekeningen waagde uit liefde voor de schrijfster.

De slotfiguren der hoofdstukken zijn gemaakt naar photo's van Javaansche

kunstnijverheidsvoorwerpen, opgenomen door "broer Edie". Het

schilderijtje op blz. 86 en de sarong op blz. 338 zijn door de

schrijfster vervaardigd.

Aan de uitgave is toegevoegd eene nota, door R.A. Kartini opgesteld, mij

daartoe welwillend afgestaan door Mevrouw A. Buyn, geboren Glaser, die

vroeger als hulponderwijzeres te Japara eene vriendin was van het

klaverblaadje.

Het doel der uitgave is, naast het wekken van sympathie, het verkrijgen

van veler medewerking tot oprichting van eene kost- en dagschool voor

dochters van Inlandsche hoofden, zooals de schrijfster zich die gedacht

had; voorloopig op kleine schaal, langzaam zich uitbreidende door eigen

kracht. Aan die school mag niet ontbreken de gelegenheid om zich te

bekwamen voor de hulpakte bij het Inlandsch onderwijs.

Alles wat mij door den uitgever wordt uitgekeerd, is bestemd voor de

Raden Adjeng Kartini-school, waarvan reeds de eerste financiëele steen

gelegd is.

Overigens is het mijn voornemen om na de verschijning eenige dames uit

te noodigen tot het vormen van eene commissie, die zich wil belasten met

het bijeenbrengen van verdere fondsen tot stichting van de school in een

nader te bepalen, gezonde plaats in Midden-Java. Bij het door

particulieren bijeengebrachte, zal, hoop ik, de Regeering bereid worden

bevonden een subsidie te voegen.

* * * * *

Het telegram dat den plotselingen dood kwam melden op 17 September 1904,

gaf ons eene diepe smart, zooals men die slechts gevoelt bij het

heengaan van de liefste betrekkingen. Wat bij andere vrienden omging,

kan men lezen in de Hollandsche Lelie van 30 November 1904, waar mevrouw

Ovink--Soer een uitvoerig en teeder in "memoriam" schreef. Aan het slot

daarvan zeide zij van hare lieve Kartini: "Ik heb nooit anders gezien

dan je gouden hart. Je waart immer vol zelfopoffering en dienende

liefde, anderer geluk en welzijn ging je steeds boven eigen. Moge de

zoon, dien je naliet, niet alleen een ontwikkeld, begaafd man, maar

bovenal een edel mensch worden als zijn moeder was. Mij zal je

nagedachtenis immer in dierbare herinnering blijven."

Ook Augusta de Wit wijdde een levensschets aan haar in een der

dagbladen, en Mevrouw Nellie van Kol richtte een gevoelvol schrijven tot

den Regent Raden Adipati Ario Djojo Adi Ningrat, dat op dringend verzoek

van de redactie der Locomotief te Semarang, openbaar werd gemaakt. De

grondtoon daarvan is, dat Raden Mas Sienggih moge opgroeien tot een man,

waardig zijne onvergetelijke Moeder.

Aan het toen gezegde zal ik slechts weinig toevoegen. De gedachten van

de edele strijdster voor recht en vooruitgang, die thans ieder zal

kunnen lezen en naar waarde schatten, zullen voor haar spreken.

Bij allen zal wel dezelfde treurige gedachte opkomen, hoe zij, die haar

leven had willen geven aan de ontwikkeling van haar volk, haar eigen

kindje slechts enkele dagen mocht verzorgen. Maar hare nagedachtenis zal

hem doordringen van de hooge plichten die op hem rusten.

Gezegend zal haar naam blijven onder de Javanen en de andere volkeren

van den Archipel, voor wie zij is geweest als de rozenvingerige Aurora,

wijzende uit de duisternis naar het morgenlicht van den vooruitgang, die

alleen te verkrijgen is door verheffing van geest en gemoed.

Gezegend zal haar naam ook zijn onder het blanke ras, dat zij door hare

denkbeelden nader heeft gebracht tot het hare.

'S-GRAVENHAGE, April 1911.

Door duisternis tot licht: Gedachten over en voor het Javaansche volk · 第 13 / 136 题