Kaherdin, broeder van Isolde van Bretagne, 299; wordt bevriend met
Tristan, 300-303; gaat voor hem naar Cornwallis om Isolde te halen,
314-320.
Kariol, ridder van Koning Mark, 306; 309.
Key, zoon van Arthur's pleegvader, 10, 11; seneschalk van Koning
Arthur, beproeft de zwaardjonkvrouw te bevrijden, 102; spot met Heer
Colgrevance, 134; hoont Iwein, 140, 151; wordt door hem verslagen
152; gedraagt zich zeer onheusch jegens Gareth 332-335; wordt door
hem verslagen, 339; strijdt tegen Parcival, 487.
Kièvre, Le, schrijver van een verloren gegaan gedicht over de
Tristan-sage, 190.
Kingrun, maarschalk van Koning Clamides, 473; wordt door Parcival
verslagen, 475-476.
Kittredge, George, Lyman, schrijver van eene studie over Walewein,
33, 34; over het ontstaan der Arthur-sagen, 458-459.
Kölbing, E., schrijver van eene studie over de "Erex-saga", 351.
Kundri, de Graalbode, hare verschijning aan het hof, 487.
Kurz, Hermann, vertaler van het gedicht van Gottfried von Straszburg,
191.
Kyot, of Guiot, Provençaalsch dichter, 453.