Gaheris, vierde zoon van Koning Lot en Koningin Morgawse, 326;
330; 496.
Gaimar, Geoffrey, schrijver van eene verloren geraakte vertaling van de
"Historia" van Monmouth, XIII.
Galahad, als held van de Graal-sage, 454-457.
Galoain, Graaf, Erec en Enide in het gebied van Graaf G., 382-386.
Gamuret, vader van Parcival, 461-462.
Gareth, jongste zoon van Koning Lot en Koningin Morgawse, zie: _de
Sage van Heer Gareth_, 324-349.
Garlon, bedrijver van verschillende wandaden, 114; 116-118.
Gerbert, 452.
Gilain, Hertog, geeft Tristan het hondje Petitcrû ten geschenke,
297, 298.
Gildas, schrijver van het oudste werk over Britsche geschiedenis,
X, 96.
Ginevra, Koningin, Arthur geeft zijn plan te kennen om haar te
huwen, 15-18; zendt Lanceloet om haar te halen, 18; de reis van
G. en Lanceloet naar Camelot, 19-23; het huwelijk met Arthur wordt
voltrokken, 24; 29; Kerstfeest te Camelot, 40; ontsteltenis over den
Groenen Ridder, 47; 58; 87; luistert naar het verhaal van Colgrevance,
134; 140; 192; vraagt verlof haar echtgenoot op de jacht te mogen
vergezellen, 359: volgt den jachtstoet in gezelschap van Prins
Erec, 360-362; voorziet Enide van de haar passende kleederen,
374; geschiedenis van hare verhouding tot Lanceloet, 406-408;
is niet in staat haar gemaal naar Camelot te vergezellen, 412,
413; spoort Lanceloet aan om den koning daarheen te volgen, 415;
hare woede over Lanceloet's vermeende ontrouw, 434, 438, 443; vraagt
Lanceloet om vergeving voor haar wantrouwen, 448; Arthur ontdekt het
geheim harer verhouding tot Lanceloet, 494-496; wordt door Lanceloet
van den brandstapel gered, 496; wordt door den paus met haar gemaal
verzoend, 499; neemt de wijk voor Modred in de vesting Londen, 501;
trekt zich terug in het klooster van Almesbury, 510; neemt afscheid
van Lanceloet, 511-512.
Golther, Wilhelm, schrijver van artikelen en studies over de
Arthur-sagen, 184; 185; 352; 459-460.
Gorlois, Hertog van Cornwallis, komt op het Paaschfeest aan het hof,
2, 3; wordt door den koning achtervolgd, 4, 5; sneuvelt, 6.
Gouvernail, leermeester van Tristan, 213; 215; 217; 228; volgt zijn
jongen meester naar Ierland, 235; helpt hem bij zijne vlucht met
Isolde, 278, 280; brengt het hondje Petitcrû bij Isolde, 298; volgt
Tristan naar Bretagne, 299; sterft, 314.
Graal, de Heilige, 116; 119; 191; zie: _de Sage van Parcival en den
Heiligen Graal_, 450-493.
Gringalet, strijdros van Walewein, 50-54; 79.
Guest, Lady Charlotte, schrijfster van eene Engelsche vertaling van
den "Mabinogion", X; XI; 131; 351.
Guivret le Petit, Erec's ontmoeting met G. le P., 387, 388; G. valt
Erec in het woud aan, 395; verpleegt hem op zijn kasteel, 396;
vergezelt hem naar het hof, 396-403.
Gumurun, Koning van Ierland, vader van Isolde, 246; 248; 250; 255;
256; 257; 288.
Gurnemanz, Parcival op het slot van Heer G., 471-472.