"De Hond" was oorspronkelijk een Engelsch schip dat 3 Jan. 1619 op
de reede van Jacatra lag (J. W. IJzerman, Over de belegering van het
fort Jacatra, Bijdr. Kon. Inst., deel 73, bl. 605) en 26 Juli 1619
door een Nederlandsch eskader onder Hendrik Janszoon op de reede van
Patani werd veroverd, waarbij o.a. John Jourdain werd doodgeschoten
(Gen. Miss. 22 Jan. 1620; The Journal of John Jourdain, Introduction
LXXII en Appendix F, en Diary of Richard Cocks, II, 305).
De volgende berichten hebben betrekking op "de Hond" nadat die in
onze handen was geraakt:
"Eenige.... sijn soo leck dat men se qualijck boven water can houden
ende in hol water niet gebruijcken mach als namentlijck ... den
Hont. (Gen. Miss. 22 Jan. 1620).
Komt 17 Maart 1620 te Jacatra (J. Psz. Coen. Uitg. H. T. Colenbrander,
dl. II, 1920, bl. 663 en 665); naar Amboijna en Banda (Gen. Miss. 11
Mei 1620 en 31 Juli 1620): "Het schip de Nieuwe Maen ende de
Hondt heeft sijn E. [Houtman] daer [in de Molucques] gelaeten"
(G. M. 26 Oct. 1620).--"Generael Coen [is] den 24 Junij ... van
Amboijna vertrocken ... 't jacht de Hondt in Amboijna latende om
verdubbelt ende na Taliabo om sagu gesonden te werden" (Gen. Miss. 16
Nov. 1621).--"De Hondt wert nieuws in Amboijna verdubbelt ende is
van seer cleene waerde". (Gen. Miss. 16 Nov. 1621).
In Malaijo werd 22 Sept. 1621 vastgesteld eene "Instructie voor
Christiaen Franszen, Opper-Coopman gaende met het schip de Hondt naer
Mindanao".--"'t Jacht de Hondt is in Mindanao geweest ... D'onse
zijn van daer gekeert sonder iets te verrichten" (Gen. Miss. 6
Sept. 1622).--"Den 20en Dec. 1621 kwam Francx te Ternate terug
... Reeds den 9en Febr. 1622 vertrok Christian Francx weder met
de Maan en de Hond" (Van Dijk, Neerland's vroegste betrekkingen
enz. bl. 250).-- ... "de Maen ende de Hondt die d'heer Houtman van
de Molluques na Cabo de Spirito Sancto gesonden heeft, met ordre dat
van daer na de Custe van China loopen" (Gen. Miss. 6 Sept. 1622).--"De
schepen de Maen ende den Hont welcke de Heer Houtman naer Cabo Spiritu
Sancto gesonden hadde om op 't silver schip van Nova Spaignen te
passen, sijn sonder ijets verricht te hebben op den hals in Japan
gecomen door ouderdom ende onbequaemheijt daer aen de wal geleijt"
(Gen. Miss. primo Febr. 1623).--"De twee schepen de Maen ende de Hondt
door d'heer Houtman van de Moluques naer Cabo Spirito Sancto gesonden,
daeromtrent in 't holle water comende, wierden soo leck dat beijde in
groten noodt van sincken geraeckten ende gedwongen werden naer Firando
te lopen, alwaer op de pomp wel aengecomen sijn, naerdat de Hondt op
Corea gedoolt ende daer tegen 36 oorloghsjoncken geslagen hadde. Den
raedt had voorgenomen dese twee schepen naar Pehou te senden, maer
alsoo in de haven van Coetche aen de gront waeijden, wierd de Maan
lecker en borst de Hondt, waerover beijde aldaer gesleten sijn"
(Gen. Miss. 20 Juni 1623).
Uit Camps' [377] brieven van 18 Sept. en 27 Oct. 1622 blijkt dat de
Hond tusschen die data is gesloopt.--"As alsoe, in the same storme
[tusschen 9 en 19 Sept. 1622 O. S.] the Hollanders had other 2 shipps
cast away in the roade of Cochie at Firando, the one called the Moone,
a shipp of 7 or 800 tonns, and the other, the Hownd, an English shipp
in tymes past". Firando 14 Nov. 1622 (Diary of Richard Cocks, II,
bl. 336).