partijen, waarmede men ook in Oudewater en omtrek veel op heeft,
van mythologischen oorsprong zijn, zullen wij van den Bergh [33]
laten beslissen:
»In Februarij had mede een heidensch feest plaats. De Indiculus
superstitiones meldt: de spuralibus in Februario. [34]
Bijzonderheden zijn mij daarvan niet bekend, doch mij komt hoogst
waarschijnlijk voor, dat daaronder niet anders te verstaan zij dan
de vastenavondvreugde, die van ouds onder het volk groote deelneming
vond en dikwijls tot uitspattingen aanleiding gaf.
Er moet dan echter om dien tijd een heidensch feest geweest zijn,
dat niet met de christenprediking is uitgeroeid kunnen worden, want
vastenavond is niet heidensch.
Ook het met de rommelpot loopen in Februarij, waarvan Budding spreekt,
houdt bij ons nog stand, onder het zingen van het volgende lied:
Vrouw, 't is vastenavond,
Ho, mannen, ho!
Ik kom niet t'huis voor t' avond,
Zus of zoo!
Vrouw, verkoop uw beddigje
En slaap op stroo! [35]
In de maand Maart vierde men de lente-nachtevening. De duisternis
wordt al meer en meer bestreden.