VOORBERICHT.

Toen vijftien jaar geleden de eerste uitgave verscheen van

het _Kookboek van den Nederlandschen Vegetariërsbond_ droeg het

Bondsbestuur mij als secretaris op, het voorbericht en de inleidende

hoofdstukken te schrijven. Bij de volgende uitgaven, telkens door mijn

vrouw herzien en vermeerderd, werd mij eveneens die taak toebedeeld,

het boek bij het publiek in te leiden.

Al heeft zich sedert de eerste uitgave in 1906 het vegetarisme een

plaats in ons land veroverd en verkrijgt het bij het groote publiek

niet alleen door het gesproken en geschreven woord, maar ook en

misschien meer nog door druk bezochte hotels en restaurants meer en

meer bekendheid, toch zullen zij, die het Kookboek ter hand nemen,

wel willen weten in welk opzicht een vegetarisch kookboek zich nog

op andere wijze van de overige keukenboeken onderscheidt dan door

het weglaten van recepten voor vleesch- of vischbereiding.

Voor deze belangstellenden het volgende:

In den historischen tijd is de mensch steeds verder en verder afgeweken

van de natuur. Wij hebben licht en lucht noodig en wij sluiten ons

op in half donkere en bedompte vertrekken. Wij slapen 's zomers

gedurende een groot deel van den dag, terwijl het zonlicht door de

luiken of gordijnen van onze gesloten vensters wordt tegengehouden en

bij kunstlicht brengen wij een groot gedeelte van den nacht door. Wij

hebben rust noodig na vermoeiende inspanning, maar wij verdooven het

gevoel van vermoeidheid door bedwelmende of prikkelende middelen,

zoowel bij het rooken van tabak als bij het drinken van koffie, thee

en alcoholische dranken. Wij zouden met weinig onbezorgd kunnen leven,

opbouwend ons eigen geluk en dat van anderen, maar wij verkiezen een

onrustig bestaan, omdat wij het een voorrecht achten, te kunnen baden

in weelde, hakend naar bezit om te kunnen voldoen aan door ons zelf

geschapen behoeften, die minst genomen overbodig zijn, waardoor wij

bijna altijd onnoodig lijden brengen over ons zelf en over anderen.

Vóór de toepassing van het vuur was onze voeding beperkt tot wat in

rauwen staat eetbaar en smakelijk was: tot zoete noten en sappige

vruchten, tot eetbare groene bladuitspruitsels en tot smakelijke

wortels en stengeldeelen. Maar met de toepassing van het vuur is men

gekomen tot gerechten, die met veel moeite en kosten door de kunst van

den kok op het vuur zijn gekookt, gestoofd, gebakken en gebraden uit

dingen, die zonder zulk een kunstbewerking meestal niet of moeilijk

verteerbaar zouden zijn, vaak zelfs uit dingen, die in rauwen staat

walging bij ons wekken.

Het vegetarisme nu is de weg tot vereenvoudiging van het leven, een

terugkeer naar de natuur; dus een vegetarisch kookboek moet zijn een

vraagbaak voor hen, die dezen weg willen bewandelen.

Mogelijk vraagt de een of ander, of het dan niet beter is de uitgaaf

van een vegetarisch kookboek achterwege te laten en zich te bepalen

tot de aanprijzing van een dieet, bestaande uit noten, vruchten en

eetbare wortels. Laat ik hierop antwoorden, dat de maatschappij niet

anders dan langzaam en geleidelijk den terugweg kan begaan.

Wie als individu den sprong verkiest te doen, die doe het, als hij

zich niet belemmerd ziet door hinderpalen in zich zelf of in zijn

omgeving, en zijn moed zal in dat geval niet onbeloond blijven. Maar

wij zouden de dingen zien, zooals wij ze wenschten, en niet zooals ze

werkelijk zijn, als wij de mogelijkheid onderstelden, dat op een bloote

aanprijzing van een noten- en vruchtendiëet de maatschappij eensklaps

afstand deed van haar eet- en drinkgewoonten, om zich te vergenoegen

met hetgeen de natuur den mensch in rauwen staat eetbaars aanbiedt.

Zien wij de dingen echter zooals ze werkelijk zijn, dan komen wij tot

het inzicht, dat hoe grooter in den aanvang het aantal personen zal

worden, dat zich beperkt tot een voeding, waarbij de kunst van den

kok of de kookster ontbeerd kan worden des te grooter de behoefte zal

zijn aan een kookboek, bij hen die gaan twijfelen of het vleesch toch

wel zoo strikt noodig is om te blijven bestaan, en die of ter wille

van de humaniteit of ter wille van de gezondheid, of ook ter wille

van religieuse of verstandelijke overwegingen met het vleeschgebruik

wenschen te breken en bewust of onbewust verlangen terug te keeren

tot de Natuur.

Voor dezen, die zich niet dadelijk kunnen onttrekken aan allerlei

overgeërfde gewoonten, zal een keukenboek een behoefte zijn, waarin

zij recepten vinden, die hen verzoenen met het gemis van het tot heden

zoo opgehemelde vleesch; een boek, dat hun aanwijzingen geven kan,

hoe zij zich met een vegetarische levenswijze gezonder kunnen voeden

dan op de gewone wijze het geval is.

Hier volgen eenige algemeene regelen, die ook niet-vegetariërs wel

mogen lezen. Deze regelen betreffen in de eerste plaats het eten zelf.

Men overwege:

1e dat de vertering in den mond begint.

2e dat het kauwen de eenige werking van het verteringsproces is,

die aan den wil is onderworpen.

3e dat van een gezond gebit dus veel afhangt voor een goede

spijsvertering.

4e dat van de verteringsorganen, die niet onder onzen wil staan,

geen onredelijken arbeid mag worden gevorderd.

5e dat ook deze organen na verrichten arbeid rust behoeven.

Uit deze overwegingen volgen deze algemeene regels:

De Vegetarische Keuken Kookboek van den Nederlandschen Vegetariërsbond · 第 8 / 71 题