TOT SLOT.

Wij zullen U niet zien, Lichtende Vrede,

wij zullen niet voelen Uw weligheid

van onze lippen naar ons hart gegleden

en zullen niet wikklen om onze leden

de weeke plooi Uwer broederlijkheid.

Wij zullen niet wone' in het voorportaal

dier eenheid glorieus, waarnaar wij staren

met huivring van ontzag, en niet de donkre scharen,

eendrachtig tot de worstling op zien varen:

wij zullen hen niet in hun roem zien gaan.

De groote Denker met den fellen blik,

hij heeft het lot van dit geslacht voorteekend,

heeft ons wanklen voorgerekend,

het droeve, het armzalige beschik.

Wij zijn het geslacht, dat moet vergaan,

opdat een beter oprijze uit onze graven:

wij zijn het geslacht dat zich moet laven

aan zijn gebrokenheid en smartelijken waan:

wij zijn het geslacht welks gansche have

is als 't flauwe schimsel van d'eerste maan.

Onze besten heeft het noodlot bereikt:

zij vielen in de ongewisse uren;

en andre grooten, levenden, verduren

de kwellingen, die donkre machten sturen:

verschiet, dat nabij scheen en weder wijkt.

Voor hen uit ging een stralend licht...

Zij vlogen, zij voelden zich als bevleugeld,

hun wil schoot vooruit, onbeteugeld...

Nu hullen zij in zwijgen hun gezicht.

Nu klemmen zij de lippe' opeen

die zoo heerlijke lach bloeiend omspeelde;

zij zijn als boomen die een dor seizoen vergeelde,

en diep in hen, als in het dicht struweel de

bron weent, is het verborgen zielsgeween...

Wij zullen U niet zien, Lichtende Vrede;

wij zullen niet worde' in Uw glans gewijd;

d'extase van den laatsten aardestrijd

zal niet zette' in gloed onze leden

en vulle' ons hart boordevol zaligheid.

Wij zijn de bouwers van den tempel niet.

Wij zijn enkel de sjouwers van de steenen;

wij zullen niet doen rijze' en zich vereenen

zijn stoute pijlers; wij krielen dooreenen

omlaag, in verwarring en haar verdriet.

Wie 't niet kan willen en standvastig blijven,

hij verlate ons en keere niet weer,

hij ga nog heden en late ons onze eer,

hij neme mede zijn geluksbegeer

en late ons, verscheurde ziele' en lijven.

Wij zullen in het grauw gewaad

onzer kleine en schaarsche daden schrijden,

wij zullen hunne schamelheid belijden

met heldren blik en ons hierin verblijden

dat zij van heerlijkere zijn het zaad.

Wij zullen U niet zien, Lichtende Vrede;

wij zullen niet voelen Uw zaligheid,

een golf van glans, omvloeien onze leden;

wij zullen 't hunkeren naar uw zachtheden

meedrage', ongelescht, door de eeuwigheid.

+------------------------------------------------------+

| |

| OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: |

| |

| De volgende correcties zijn in de tekst aangebracht: |

| |

| Bron (B:) -- Correctie (C:) |

| |

| B: Zijn energiek gezlcht met den |

| C: Zijn energiek gezicht met den |

| B: »groote koeriers«' |

| C: »groote koeriers« |

| B: Russischen »diplomatieken wagen«!. |

| C: Russischen »diplomatieken wagen«! |

| B: niet in tijds terug zijn?' |

| C: niet in tijds terug zijn?« |

| B: Trotzky, Zinowiew Liebknecht |

| C: Trotzky, Zinowiew, Liebknecht |

| B: ook verhinderen juiste kleine, |

| C: ook verhinderen juist kleine, |

| B: te pogen de stad als grootindustrieeel |

| C: te pogen de stad als grootindustriëel |

| B: Het wit- en rood |

| C: Het wit en rood |

| B: kan niet verder« De auto's |

| C: kan niet verder.« De auto's |

| B: lichte pijn van teleurstelli g. |

| C: lichte pijn van teleurstelling. |

| B: puin opgeruimd, eld rs bleef |

| C: puin opgeruimd, elders bleef |

| B: een indruk, die b klijft. |

| C: een indruk, die beklijft. |

| B: den kogeldoorschoten r emlin-muur. |

| C: den kogeldoorschoten Kremlin-muur. |

| B: zuidoosten, tot de m esten met |

| C: zuidoosten, tot de meesten met |

| B: en de b treurenswaardige overwoekering |

| C: en de betreurenswaardige overwoekering |

| B: russische en teve s der wereldrevolutie |

| C: russische en tevens der wereldrevolutie |

| B: De zaak waaroor ge geleefd |

| C: De zaak waarvoor ge geleefd |

| B: onverschilligheid, wanbegip en tegenwerking |

| C: onverschilligheid, wanbegrip en tegenwerking |

| B: was, »partijloos«; bemoeide |

| C: was »partijloos«; bemoeide |

| B: bijwoonde der communisti che partij. |

| C: bijwoonde der communistische partij. |

| B: leerde het communisme begijpen |

| C: leerde het communisme begrijpen |

| B: er is thuis alijd zooveel te doen.« |

| C: er is thuis altijd zooveel te doen.« |

| B: gaan ze naar een kinderkolonie. |

| C: gaan ze naar een kinderkolonie.« |

| B: tot haar, kunt u mij niet daarheen |

| C: tot haar, »kunt u mij niet daarheen |

| B: Och ja wel«, luidde het antwoord |

| C: »Och ja wel«, luidde het antwoord |

| B: weezen en verwaaarloosde kinderen |

| C: weezen en verwaarloosde kinderen |

| B: op een lommerijken tuin |

| C: op een lommerrijken tuin |

| B: gedekt met sneeuwit damast |

| C: gedekt met sneeuwwit damast |

| B: Waren wij maar niet zoo arm. |

| C: Waren wij maar niet zoo arm, |

| B: oneindig beter had dan thuis, |

| C: oneindig beter was dan thuis, |

| B: op de microben dan...... |

| C: op de microben dan......« |

| B: scholen of kinderkolonies te bezoeken |

| C: scholen of kinderkolonies te bezoeken. |

| B: van welk keizerlijk theater zoud n die |

| C: van welk keizerlijk theater zouden die |

| B: verwaarloozing, reeds als een bittere vloed |

| C: verwaarloozing, rees als een bittere vloed |

| B: te gaan en r eds op weg daarheen |

| C: te gaan en reeds op weg daarheen |

| B: individualistisch-dekadente danskunst[4] |

| C: individualistisch-dekadente danskunst[4]. |

| B: maar een uiterste kracht inspanning redt hen |

| C: maar een uiterste krachtsinspanning redt hen |

| |

+------------------------------------------------------+

Uit Sowjet-Rusland: Beelden en beschouwingen · 第 42 / 43 题