Het is een oude treffende geschiedenis, die ik U zal vertellen, waarde
lezer, die bij de andere voorheeft, dat ze een greintje historische
waarheid bevat.
In Ingelheim, een mooi stadje in den met druivengezegenden "Rheingau"
verhief zich eens een trotsch marmeren paleis, de lievelings
verblijfplaats van Karel, den Grooten. In deze heerlijke eenzaamheid,
ver van de wereld, trok de groote keizer der Franken zich dikwijls
terug. Slechts zijn trouwe dienaren en familieleden vergezelden
hem. Onder de uitverkorenen ontbrak nooit Eginhard, secretaris
des keizers. Hoewel hij nog jong was, zoo toch stond hij door zijn
omvangrijke kennis in hoog aanzien bij Karel en verheugde zich in
de bijzondere gunst van zijn gebieder. De vlijtige geleerde, wiens
ernstig, zacht jongelingsgezicht dubbel afstak bij de schaar stoere
krijgslieden, behaagde de vrouwen aan het keizerlijke hof niet minder.
Karel had den geheimschrijver in zijn familie ingeleid en hem
opgedragen zijn lievelingsdochter Emma, die toen bekend stond als
de schoonste dame van haar tijd, te onderwijzen. Zij was de dochter
van Chismonda. Uit haar oogen, die donker als de vleugels van de
raaf waren, sprak het bloed van haar Italiaansche moeder. Spoedig
ontvlamde het hart van den jongen leeraar door de gloedvolle blikken
van de zuidelijke schoone en de schrijf, en leeslessen veranderden
in vertrouwelijke minne uurtjes.