CONVERSATIE.

Ik had eigenlijk hierboven een veel levendiger titel willen plaatsen:

nl., de allitereerende titel: _Klapaaien_ en _kletsen_. Maar misschien

is _klapaaien_ niet bepaald een akademiesch woord en zekerlijk is

_kletsen_ een léelijk woord en omdat men wel eens in een titel een

zekere fadeur moet te pas brengen om niet dadelijk àf te stooten, wil ik

heden zoo diplomatiesch zijn om mijn titel niet _te_ schilderachtig

vulgair maar liever meer onbeteekenend belofteloos te kiezen terwijl ge

toch nu reeds weet, dat de lekker klinkende _kl_-klank mij véel meer

speelde door den geest, dan het weinig zeggende woord van goede

educatie, dat ik hier boven stelde.

Wat ik eigenlijk te zeggen heb onder, òf den een òf den anderen titel,

is, dat de menschheid, op welk taalgebied hij ook geboren is, een

onweêrstaanbare behoefte vertoont te kl... ik meen te converseeren.

De... conversatie-lust van den mensch is iets onbluschbaars: hij--of

zij--moèt de kaken bewegen en eenig geluid voort brengen, dat het een of

andere beduiden moet. Die beduidenis is echter bijzaak: hoofdzaak is het

gekl... ik meen de conversatie zelve. De mensch is niet gemaakt om

stilzwijgend te zitten, om stil te staan en te gaan. Zelfs zijn er

métiers, waarbij de conversatie niet stil staat, welke voortdurende

loop der conversatie niet altijd ten goede komt aan die métiers of aan

hun doel. Kunt ge u bij voorbeeld voorstellen twee dienstmaagden, die de

kamer naast de uwe samen "eene goede beurt" geven en die zich te

gelijker tijd niet zouden overgeven aan de wellust van... de

conversatie? Conversatie-aandrang is een menschelijke zwakheid, het

bewegen der kaken en het voortbrengen van min- of meer

beduidenis-hebbende woorden, zinnen en peroraties is een fyzieke

behoefte zoo goed als eten en slapen. Dit is zelfs zoo sterk, dat als

Mietje zònder Keetje de kamer naast de uwe de beurt geeft, zij, als zij

niet haar hoogste lied uit schalt, conversatie houdt met emmer, dwijl of

zichzelve. Wanneer is de visch te zout? Als de kok converseerde

(sprenkel zelve maar de klinkende _kl_-klanken, o lezer!) met de

keukenmeid of de koksjongen en het zout met te afgetrokkene vingers

strooide... Wanneer is uw haar links lichtelijk anders gecizeleerd door

de kapperschaar dan rechts? Als de coiffeur converseerde over weêr en

politiek met zóo veel enthoeziasme, dat zijne meteorologie en

staatkundige overtuiging hem verhinderde te letten oog te hebben voor de

schoonheid der symmetrie. De koetsier converseert met zijn rozinante, de

eenzame dronkaard met zijn _fiasco_, die hij omhelst, maar woordenloos

blijft noch de een noch de ander. Dit zijn de eenvoudigen onder ons maar

ook die van samengestelder opvoeding en levensbeweeg kl... ik meen

converseeren, dat het een aard heeft. Het trottoir vóor Gilli is de...

conversatie-stoep van advokaten, officieren en notabelen. Café en

tea-room zijn... conversatie-colleges. Winkels en magazijnen zijn de

uitgezochtste gelegenheden voor conversatie-salons tusschen allen, die ù

bedienen moesten maar het prefereeren de kaken tegen over elkaâr te

bewegen. Door de geheele stad trillert de conversatie en alleen de

wachtkamer van den dentiest is misschien een der weinige oorden, waar de

conversatie verbannen is door het koude, vijandige zwijgen van wie

nijdig in stilte berekenen, dat zij nog een half uur minstens te wachten

hebben na u...

Wat is de telefoon een heerlijke uitvinding voor de

conversatie-behoevende menschheid! Een zich tijdelijk eenzaam bevindende

conversatie-behoever wandelt op straat... Hij ontmoet niemand... Hij

heeft twee woorden gewisseld met den schoenpoetser, die hem de schoenen

heeft gepoetst op den éenen hoek, met den dagbladverkooper, bij wien hij

zijn courant heeft gekocht op den anderen hoek van de straat. Nauwlijks

ènkele woorden maar... om verschil van opvoeding, rang en stand zéer

weinige. En hij ontmoet niemand. Niemand. Waar _zijn_ zijne kennissen

toch van daag! Zijne kaken worden stijf: hij geeuwt van...

conversatie-lust. Zijn medemenschen loopen hem haastig, onverschillig

voorbij. Hij blijft even op den rand van het trottoir staan, om zich

minstens te goed te doen aan het... ik meen dè conversatie van zijn

courant. Maar de gedrukte woorden leven niet en daarbij, hij moet

zèlve... converseeren. Wat een ander tegen hem... converseeren wil, komt

er minder op aan. Neen, hij houdt het niet langer uit. Hij wipt in eens

Gilli binnen... kennissen zijn er waarachtig weêr niet, maar er is... de

telefoon! Zalig ding! Wie zal hij op roepen? Zijn vriend, de zuster van

zijn vriend, de meid van de zuster van zijn vriend...

Heerlijke uitvinding! Eindelijk, eindelijk, na een, twee uren gedwongen

bijna niet onderbroken zwijgen is het den conversatie-behoever gelukt

te... converseeren. Hij converseert eerst, boos, met de juffrouw van de

telefoon, die hem niet direct aansluiting geeft: dat is juist goed om

wat gal uit te storten. Dan... met de meid van de zuster van den vriend.

Dàn met de zuster zelve, die zegt, dat de vriend al uit is... Het doet

er niet toe; hij converseert dan toch met de zuster en ach, de zuster

smachtte ook zóo naar een... conversatie-praatje, dat de telefoon ook

haar een gewenschte afleiding gaf. Te zeggen aan vriend of zuster heeft

onze... conversatie-behoever eigenlijk niets. Maar hij beweegt zijn

kaken; hij uit klanken en woorden, hij formeert korte, levendige zinnen,

hij bevrijdt zich van een vreeslijken dwang: die van het stilzwijgen;

hij ontspant zich, zijne spieren rekken, zijn bloed vloeit sneller...

Gelukkig! Hij héeft gesproken, hij heeft... geconverseerd: hij heeft

kunnen vragen aan zijn vriends zuster of de vriend dien middag bij

Gambrinus met hem zoû willen komen koffie-drinken; er zijn om die vraag

eenige andere arabesken van beleefd... ik meen beleefdè conversatie

geweest: excuzes, vraag naar gezondheid etc. etc, en onze arme behoever

is een ander mensch geworden: opgelucht drinkt hij zijn vermouth; zijne

kaken vermalen, na het... conversatie-tje, twee, drie pasteitjes, en hij

verlaat de koekenwinkel veerkrachtig van tred en helder flikkerend van

oog. Dan stuit hij in eens op den vriend zelve... en nù is hij voor een

uurtje gered.

Zoo zijn wij... arme menschen, arme, kleine, menschen, die het zware

zwijgen zoo moeilijk lange kunnen verdragen, die den gouden rijkdom van

de woordlooze stilte zóo moeilijk genieten kunnen, dat wij liever de

versleten dubbeltjes onzer... conversatie er voor geven in ruil. Zoo

zijn wij en... zoo zijn zelfs onze minder begenadigde medeschepselen,

zij die géene woorden tot hun dienst hebben: de dieren. Zoo converseeren

met elkaâr, zoodra het eenigszins mogelijk is, de honden, die elkander

rond het lijf draaien met obscene kennismaking, de katten, die miauwend

elkander ontmoeten op de dakeranden in de lucht of de lieve paarden, die

elkander met de vochte snuiten zoo roerend kunnen toe spreken in hunne

klanklooze, woordlooze taal, die wij niet verstaan. Zoo zijn de vogels,

die twetteren over tak en twijg; zoo is de kip, die trotsch heeft haar

ei gelegd; de haan, die de zon doet rijzen. Zoo zelfs zijn de bladeren,

die ritselen en de wind, die ruischt, en het water, dat kabbelt, want

de gehéele natuur heeft behoefte aan... conversatie.

De gouden stilte is te zwaar voor de natuur en hare schepselen, dan dat

zij haar langen tijd durven te dragen. De gouden stilte, de dagestilte,

als zichtbaar dringend om ons het leven klopt, is te gedachte-, te

zielerijk om, door den mensch vooral, lange gedragen te kunnen worden.

Het eenzame woud beklemt ons, de eenzame bergtop doet ons smàchten een

anderen toerist te ontmoeten. De twee uren, die wij alleen en zwijgend

in onze werkkamer door brachten, gaan ons plotseling angstig suizende

kloppen, hameren in onze ooren en slapen. De eenzaamheid in de menigte

doet ons ons voelen als een drenkeling op de golven... Het woord is de

stroohalm. Een ènkel woord gezegd rèdt ons van het angstige gevoel te

zinken... Na ons werk zoeken wij als drónken van stilte den mond te

openen, te spréken... De zilveren stilte is te verdragen. De bleeke

stilte van nacht of starrelucht en de donkere stilte van nachtekamer.

Uren kunnen wij haar soms verdragen in meditatie, in slapeloosheid. Ook

de natuur verdraagt haar beter. Ook de dieren verdragen haar beter. De

conversatie heeft dàn eindelijk uit...

Maar overdag, neen, neen! Ge zijt een rijk en krachtig man, als ge de

zware weelde der woordenloosheid dàn kunt proeven zònder bedwelmende

dronkenschap, die niet den alsem na laat der melancholie. Alléen, zonder

met wie, sympathiek aan uw ziel, de woordeloosheid meê met u draagt.

Want samen haar te dragen is een zoet genot, de lieve wellust der

sympathieke zielen. Maar alléen, eenzaam, haar mede te torsen is de

zware last voor de kleine zielen. En daarom zullen wij hen, en òns met

hen, niet met te veel ironie overstelpen als zij behoefte toonen aan...

conversatie, even als aan slaap en voedsel.

En de telefoon vooral dus zegenen, toeverlaat in de meest tragische

oogenblikken! En Edison zegenen, de weldoener der...

conversatie-behoevende menschheid!!

Jan en Florence · 第 18 / 20 题