Jongens. 1
Kinderrampen. 5
Een Beestenspel. 13
Een onaangenaam mensch in den Haarlemmerhout. 19
Humoristen. 33
Familie Stastok. 36
De Aankomst. 36
De Ontvangst. 38
Hildebrand ziet de stad, en Pieter verstout zich pot te
spelen. 42
Het Diakenhuismannetje vertelt zijn historie. 49
Er komen menschen op een kopje thee, om verder het avondje
te passeeren. 57
Pieter is waaratje verliefd, en hoe wij uit spelevaren
gaan. 71
Varen en Rijden. 88
Genoegens smaken. 98
Een Oude Kennis. 103
Hoe warm het was, en hoe ver. 108
Hoe aardig het was. 110
Hoe voortreffelijk zij was. 115
Verre vrienden. 120
Narede, en Opdracht aan een vriend. 129
Eerste uitgave. 129
Tweede uitgave. 131
De Familie Kegge. 135
Een treurige inleiding. 135
Kennismaking met menschen en dieren. 139
Een juffertje en een mijnheer. 150
Vaderangsten en kinderliefde. 156
Om te bewijzen dat eenvoudige genoegens ook genoegens zijn,
en voorts iets droevigs. 165
De Grootmoeder. 173
Een Concert. 177
Ochtendbezoek en Avondwandeling. 188
Een hoofdstuk, waarmee de auteur ijselijk verlegen is,
omdat hij er zelf de mooie rol in speelt, iets dat hij
wel weet dat hem in 't geheel niet past, maar dat hij
voor ditmaal niet helpen kan. 195
Het Hofje. De heer van der Hoogen af. 201
Een groote Hans en Adellijke Heer. Besluit. 209
's Winters buiten. 214
Gerrit Witse. 227
Studentenangst. 227
Oudervreugd. 233
Meisjeskwelling. 237
Vrienden-hartelijkheid. 244
Dokters lief en leed. 260
Bijvoegsel der Derde Uitgave tot de Narede en Opdracht aan een
Vriend. 267
Laatste Bijvoegsel. 269
_Verspreide stukken van Hildebrand_.
_De Gids_, Jaargang 1837, 1838. _Proza en Poezy, Verspr. Opstellen
en Verzen._ Haarl. 1840.
Vooruitgang. 273
Het Water. 279
Begraven. 284
Eene Tentoonstelling van Schilderijen. 292
De Wind. 302
_Souvenirs d'un Voyage à Paris_, par _J. Kneppelhout_. Leyde, 1139.