[1] Sedert 1853 bezit het eiland twee vuurtorens. De eerste staat
N. N. W. van de kerk; de andere N. W. ten W. van daar. Beiden zijn
103 voeten hoog. De eerste staat op het vlakke land, de andere op
eene duin. Bij heldere lucht zijn dezelve op eenen afstand 5 mijlen
in zee zigtbaar. Er branden staande lichten in van de 2e klasse.
[2] Zie beneden op bladz. 23.
[3] De kunstmatige zeeweringen op dit eiland bestaan in dijken,
wier buitenzijden beschoten zijn met opstaande planken of schrooten,
die bevestigd zijn aan strekkende balken, welke ondersteund worden
door ingeheide palen, die met eene tusschenruimte van 1 1/2 à 2 voet
langs den geheelen dijk staan.
[4] Tegenwoordig telt men onder de bevolking 21 kapiteins, wier
schepen hier--en 25, wier schepen elders te huis behooren.--
[5] De eerste Januarij.
[6] Instructie van het Hof van Frieslandt van den 10 Maij 1597, Art. 24.
,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, 28 Oct. 1637, Art. 28.
[7] Volgens erkentenisse van F. D. v. Camminga in Vind-Secund-Amel.
[8] Te zien bij Winsemius.
[9] Winsem. Chronijk, Schotanus Friessche Historiën op die Jaren,
Hub. Hist. Civ. P. 2, L. 1, Sect. 3, Cap. 10.