Beowulfs toespraak: hij verlangt naar huis, doch zal altijd tot
Hrodgars en Hrederics dienst gereed zijn. Hrodgars antwoord: hij hoopt
dat Beowulf later na Hygelacs dood tot koning gekozen zal worden;
dank aan hem is eene hechte vriendschap tusschen de twee volken
gesloten.--Hij schenkt hem twaalf kostbaarheden en neemt slechts
noode van hem afscheid. Beowulf begeeft zich scheepwaarts.