HOOFDSTUK IV.

De Meester zeide: „Ik weet hoe het is, dat Tao niet wordt begaan! Die

weten overschrijden het, die dom zijn komen er niet aan toe! Ik weet

hoe het is, dat Tao niet helder is! Die waardig (en deugdzaam) zijn

overschrijden het, die onwaardig zijn komen er niet aan toe!

2. Er zijn geen menschen, die niet drinken en eten. (Maar) weinigen

kennen den (waren) smaak!”

De Chineesche Filosofie, Toegelicht voor niet-Sinologen, 1. Kh'oeng Foe Tsz' (Confucius) · 第 14 / 107 题