Vindt m'ooit een tweede vaderhart,
Een hart, dat uwe vreugde en smart
Of wat uw ziel mogt voeden,
Als 't zyne kan bevroeden?
Wordt eener moeder liefgekoos
Dat in uw ziel troost-moedeloos
De vreugd kan doen herleven,
Nog ergens u gegeven?...
Neen, Ouders, neen; niets kan uw hart
Uw liefde, uw zorg, die pynen tart,
Uw heilwensch- en verlangen
Ooit voor uw zoon vervangen!
Neen; altyd blyft zyn liefde u trouw,
En hoe hem 't lot verwyderd hoû,
Zal 't uwer min herdenken
Hem troost en hope schenken!