VYFDE GESCHIEDENIS VAN GEZAG.

--Waarheen, o Philoines! vraagde Hudoor zynen makker, dien hy ontmoette

in de straten van Athene.

--Ik yl om de drie maten slechten wyn te drinken, die my wachten by

de leelykste myner drie maitressen, antwoordde Philoinos waggelend.

Want hy was dronken.

--Kom mede, ge hebt wyns genoeg, en maitressen te veel, naar ik vreeze.

--Drie, Hudoor, Drie! De Meester heeft het gezegd! Drie ... heeft

hy gezegd!

--De meester sprak van wyn noch hetaeren, kom mede ...

Hy heeft gezegd: drie ... drie ... DRIE!

En Philoinos viel neder voor den derden keer op dien avond. Maar

ditmaal bleef hy liggen.

En hy is blyven liggen tot op dezen dag.

Minnebrieven; Over Vrijen-Arbeid in Nederlandsch Indië; Indrukken van den dag · 第 18 / 125 题