G.

[41] De definities van Totemisme, Fetischisme en Animisme zijn ontleend

aan _Max Müller’s_ „_Natural Religion_”. blz. 159-160. Verg. hierbij ook

het _Lehrbuch der Religionsgeschichte_ van _P. D. Chantepie de la

Saussaye_ 2 Bdl. 2e Aufl. 1897, en _Herbert Spencer_ in zijn _Principles

of Sociology_.

[42] De tegenstelling tusschen deze twee typen van vroomheid is zeer

duidelijk in ’t licht gesteld en aangewezen in tal van historische

karakters door W. James in zijn meergenoemd boek _The varieties of

religious experience_. Hij onderscheidt ze met de namen van „sick souls”

en „healthy minded”, kranke zielen en gezonde geesten. Maar men zie in

deze namen geen bepaalde waardeering. De kracht, diepte, warmte en

innigheid van godsdienstig leven kan in beide typen gelijk zijn. Dat

hangt geheel van den persoonlijken religieuzen aanleg en ontwikkeling

af. Ook bedenke men dat slechts zelden de vroomheid van een mensch

uitsluitend een dier typen vertoont. Er is geen volstrekte

tegenstelling, maar tallooze schakeeringen, waarvan in een menschenleven

zich verschillende kunnen voordoen.

Godsdienst en godsdiensten · 第 56 / 83 题