[9] De eenzijdige rationeele en de eenzijdige ethische opvatting van den
godsdienst, die terecht door Ziegler wordt bestreden, zijn bij alle
richtingen te vinden. Maar uitteraard is het gevaar voor
verrationaliseering der religie grooter waar de vroomheid zich aan een
leerstelsel bindt, en zal men het meest de verethiseerde godsdienst
vinden waar de strijd tegen leerstellige godsdienstigheid wel tot
religieuze moraal in denken en leven, maar nog niet tot warmer, vaster
en klaarder „geloof des harten” heeft geleid.
Hierbij mag ook opgemerkt worden, dat beide eenzijdigheden, waardoor het
diepst en wezenlijk religieuze niet tot zijn recht komt, niet alleen bij
populaire of leeken-beschouwingen over den godsdienst, maar evenzeer bij
theologen te vinden zijn. Bij de orthodoxen komt het eerstgenoemd gebrek
het meest voor en leidt dan tot dogmatisme. Bij de vrijzinnigen tot
rationalisme en het tweede tot ethisch-modernisme. Beide theologische
eenzijdigheden bevorderen weer de religieuze, waaruit zij zijn
voortgekomen. Een noodlottige cirkel, waaraan slechts te ontkomen is
door dieper en voller religieus leven, dat op zijn beurt door klaarder
inzicht in het wezen der religie bevorderd kan worden en dan tot
boven-partijdige geestesgemeenschap kan voeren.
Voor theologen is in dit opzicht zeer leerzaam het boven reeds genoemde
boek van R. Otto, _Das Heilige_, wat ik in mijn gelijknamig opstel heden
aanwees. (_Nieuw Theol. Tijdschr._ 1917).