"Authenticated facts and precise details being at the present moment
the only efficacious weapon for obtaining either judicial reform or
vigorous measure for the repression of misdemeanours, it seems to us
of primary importance that they should be carefully collected,... etc."
Met deze woorden ving Mme de Tscharner, Presidente van de Zwitsersche
afdeeling der «Union internationale des Amies de la jeune Fille»
in haar belangrijk rapport tijdens het «Congress on the white slave
traffic», in Juni 1899 te Londen gehouden, de voorstellen aan, die
zij aan het oordeel van 't Congres onderwierp.
Gaarne maak ik deze woorden tot de mijne. Op deze wijze moet toch
blijken van de behoefte aan rechtsregelen. Een zware kamp is echter
te doorworstelen. Vooreerst die strijd, welke zich immer openbaart
tusschen vrijheid en staatsdwang. Dit leert ons de geschiedenis, zooals
von Ihering zegt in zijn geschrift «Der Kampf ums Recht». De historie
toont aan, dat «het recht, gelijk de menschen, niet anders geboren
werd, dan onder hevige barensweeën», (vertaling van Prof. v. Hamel). En
wanneer deze strijd uitgestreden is, komen andere moeilijkheden. De
instelling van een nieuwen rechtsregel grijpt overal om zich heen,
heeft vaak afschaffing van een ouden ten gevolge, verandering van veel,
wat er eenigszins mede in verband staat. Dit is natuurlijk het gevolg
van den nauwen samenhang, waardoor alle rechtsregels met elkander in
verbinding slaan.
De principiëele strijd echter tusschen vrijheid en staatsdwang,
waarop ik zooeven doelde, is des te heftiger, waar strafrechtelijke
regelen verlangd worden. Het geldt hier toch bescherming van belangen,
en de waardeering van deze verschilt uitermate, zelfs in een zelfde
maatschappij. En, om nu tot den handel in blanke slavinnen speciaal
over te stappen, hoe verschillend is niet het oordeel over hetgeen
men noemt de "goede zeden"!
Ten opzichte van dezen handel is een beweging in gang tot het in het
leven roepen van maatregelen ter bestrijding. De behandeling van deze
stel ik mij in dit proefschrift ten doel.
De eerste stoot tot deze beweging had plaats door een Engelschman,
den Heer Dyer te Londen, in het jaar 1879. Hij werd namelijk gewaar,
dat een aantal jonge meisjes door bedriegelijke middelen uit Engeland
in Belgische bordeelen gelokt werden [1]. De openbaarmaking van deze
ontdekking had verschillende gevolgen. Vooreerst in 't algemeen de
aandrang om dergelijke handelingen te keeren. Verder de vervolging van
verschillende schuldigen op verzoek van het Engelsche Gouvernement
door de Belgische Regeering bevolen, die de veroordeeling van
sommigen ten gevolge had. Deze processen leidden ook tot het ontslag
van eenige magistraatspersonen (o.a. van het politiehoofd Lenaers,
die de wijnleverancier der Brusselsche bordeelen bleek te zijn),
van wier medeplichtigheid een en ander gebleken was. Vervolgens is
de Criminal Law Amendment Act van 1885 (48 en 49 Vict. Ch. 69) het
gevolg van deze onthullingen, waartoe ook de Pall Mall Gazette van
1885 in haar kolommen een belangrijke bijdrage leverde onder den titel
"The Maiden Tribute of Modern Babylon".
Van Engeland uit is toen de beweging om strafrechtelijke maatregelen
te nemen tegen dien handel op 't continent overgegaan.
Uit den aard der zaak volgt--de woorden, waarmede ik deze inleiding
aanving, verklaren het--dat ik in het begin van dit proefschrift
een betrekkelijk ruime plaats voor de behandeling der feiten moest
openstellen.