DE STROOHALMEN.

Men geeft u vijf stroohalmen van dezelfde lengte (omstreeks 10 cM.),

en men verzoekt u ze te gelijk van de tafel op te lichten, maar ge

moogt slechts één stroohalm vasthouden en nog wel aan het uiteinde. Hoe

zult ge dat aanleggen?

De teekening geeft het antwoord: gij ziet terstond, op welke

eenvoudige wijze de halmen verbonden zijn. Het geldstuk is niet strikt

noodzakelijk, maar het vergemakkelijkt de samenstelling van het geheel,

daar het 't glijden der strootjes belet.

Geef het kunstje op aan iemand, die het niet heeft zien uitvoeren,

en gij zult eens zien hoelang het duurt, voor hij de oplossing

gevonden heeft.

Zulke kunstjes, waarbij het op samenvoegen of verbinden aankomt,

hebben iets wetenschappelijks, waarin het verstand eene zekere

voldoening vindt, terwijl tevens de hand geoefend wordt.

Natuurkunde in de Huiskamer: ongeveer 100 proeven met huishoudelijke voorwerpen. · 第 81 / 104 题