Als wij een bierglas omgekeerd in het water dompelen, zien wij dat
het water in het glas veel lager staat dan er omheen. Dit zeer bekende
verschijnsel stelt ons in staat, op alleraardigste wijze te laten zien,
hoe de duikerklok werkt, waarin de werklieden onder den waterspiegel
vrijelijk kunnen ademen en arbeiden.
Wanneer ge de proef inricht, zooals wij u zullen aanwijzen, kunnen
al de toeschouwers haar goed zien. Voor waterbak kunt ge eene
omgekeerde kaasstolp nemen, die ge met den knop in eene inmaakflesch
zet. Zoodoende zult ge een doorzichtig vat hebben, waar doorheen men
alles kan zien, wat binnenin plaats heeft. Dompelt ge nu een glas
in deze met water gevulde klok, dan kunt ge duidelijk waarnemen,
dat het water in het glas lager staat dan in de klok.
Met dit feit bekend, kunt ge nu voorstellen een klontje suiker onder
water te dompelen zonder het nat te maken. Gij behoeft dan slechts
de suiker op eene groote, platte kurk te leggen en het glas er
overheen te stulpen; druk het glas goed rechtstandig naar beneden,
om te beletten dat de kurk kantelt, en houd het glas onder in het
vat zoo lang ge wilt.
Als ge daarna het glas, dus natuurlijk ook de suiker met de kurk,
weder omhoog haalt, zal het klontje volkomen droog voor den dag komen,
daar de lucht in het glas het water belet heeft, met de suiker in
aanraking te komen.