_De Baron wordt krijgsgevangen, en voor slaaf verkoft.—Hoedt
de bijën van den Sultan, welken aangevallen worden door twee
beeren.—Verliest een bij en een zilveren bijl, welken hij naa
de beeren smijt; doch die, door het verdraaijen van zijnen arm,
opvliegt naa de Maan, maar welken hij, door eene vernuftige
uitvinding, naa beneden brengt.—Valt bij zijne terugkomst op de
aarde, en redt zigzelven uit eene diepe kuil.—Redt een wagen,
welke den zijnen op een smallen weg ontmoet, op eene zonderlinge
wijze.—Wonderbaar uitwerksel van den vorst op den posthoren
van zijn koetsier._ 63