[Den Handel op Zuriname aan alle Ingezetenen van dezen Staat vry en
open gestelt, onder limitatie als in den text.] Dat om de voorsz.
Colonie kragtelijk en zo veel mogelijk voort te zetten, en om alle
voordelen, de welke by verhoopt succes van de zelve zullen komen af te
vloeijen, te doen vallen in de schoot van de Coloniers en Planters
aldaar, ende van de Ingezetenen van dezen Staat, den Handel en
Traffijcque op Zuriname, ende van daar indistinctelijk liber en open
zal zijn aan alle Ingezetenen van dezen Staat, blijvende niet te min
geobligeert in conformité van den Octroye van de voornoemde Compagnie,
de zelve Compagnie te erkennen, en aan haar by forme van recognitie te
betalen het Last-geld in het vierde van deze fondamentele Articulen
ge-expresseert, en daar-en-boven te stellen cautie, van niet te zullen
komen op de Kuste van Afrika, ofte alle de Plaatzen alwaar de voorsz.
Compagnie den Handel privative heeft, ende met uitsluitinge van de
Ingezetenen van dezen Staat, ende dat zy met de voornoemde hare Schepen
en Ladinge wederomme in deze Landen zullen retourneren, zullen de
voorsz. Schepen, het gezeide Last-geld betaalt, ende cautie gestelt
hebbende, aanstonts t’haarder requisitie aan hare Pasporten en
Commissien, door de gemelte Compagnie geholpen ende ge-expedieert
moeten werden, ten einde in haar voorgenomen reize niet mogen belet,
ofte in faveur van andere Schepen opgehouden werden; daar-en-boven tot
particuliere gerustheid van gemelte haar Edele Mog. de [De Ingezetenen
van Zeeland, tot allen tijden te hebben ende behouden, de vrije
Commercie en inwoninge, &c. zonder boven de Ingezetenen van Holland
ofte de andere Provincien te mogen werden beswaart.] Heeren Staten van
Zeeland, werd mede vast gestelt, dat der zelver Ingezetenen in’t gaan
en weder-komen, en aldaar te Lande behouden zullen ten allen tijden de
vrije en onbekommerde Navigatie, Commercie en inwoninge, zonder dat die
ooit zal mogen werden gesloten, of in eeniger manieren hoger, swaarder,
ofte meerder zullen mogen werden belast, gelimiteert, ofte in haar
vryheid bepaalt, als ten aanzien van eenig Ingezeten van Holland, ofte
van eenige andere Provincie zal vermogen te geschieden; maar dat alles
op het fondament van dit Octroy aan de Ingezetenen van alle de
Provincien esgaal zal zijn, zo wel de lasten als de voor-regten, zonder
distinctie en onder gelijke verbintenisse.