VOORBERICHT

De tweede uitgave van den roman EEN LIEFDE verschijnt zonder de

zogenaamd onvoegzame of onzedelijke uitdrukkingen, die in de eerste

uitgave voorkwamen.

De belangstellende leidde daaruit niet af dat de meening van den

schrijver veranderd zoû zijn met betrekking tot de mate van vrijheid en

van onafhankelijkheid van algemeen geldende zienswijzen, die een

eigenschap der letterkunde moeten zijn.

De reden, die tot wijziging deed besluiten, is deze, dat geene

gelegenheid werd gevonden eene nieuwe uitgave behoorlijk bezorgd te

zien, tenzij met wijzigingen.

De vraag deed zich nu voor in hoeverre de verandering verantwoord kon

worden tegenover de kunstleer, waarvan de oorspronkelijke vrije text de

toepassing was.

Ten eerste nu, kwamen, bij latere objektieve beoordeeling, sommige

onvoegzame of onzedelijke uitdrukkingen tevens voor fouten van

letterkundigen aard te zijn. Deze behielden voor den schrijver wel hunne

bekoring als bewijzen van felle leer-stelligheid, maar deden feitelijk

het wezen der roman-gedeelten, waar zij zich bevonden, geweld aan.

Ten tweede echter, kwamen de letterkundig deugdelijke deelen te berde,

die toch wegens onvoegzaamheid of onzedelijkheid moesten verwijderd

worden. Dit was eene verdrietelijke scheiding.

Een roman als deze is evenwel niet een Geheel van dien aard, dat hij,

--gelijk een beeld of een muziekstuk wel--bedorven zoude worden door

de uitneming van enkel kleine stukken.

Aangenomen dat deze roman goed werk zij en gegeven de noodzakelijkheid

eener keuze als de zoo even aangeduidde,--zoo moest die zich wel

vestigen op het behoud van zoveel mogelijk van het werk, dat anders

geheel verdonkeremaand ware gebleven.

Zomer 1899. L. VAN DEYSSEL.

Een liefde · 第 3 / 21 题