BERGEN.

Bergen zien is op zichzelf al een genot voor vlakkeland-bewoners.

Groene, blauwe, roze en violette bergen, met oude, grijze dorpjes op de

zonnige hellingen; bergen met witte wolken om hun top; bergen links en

bergen rechts, omlijstend in de diepte een breede, zacht kronkelende

rivier.... 't is mooi, romantisch-mooi, als de sprookjesvertellingen uit

onze jeugd.

Zoo strekt zich voor ons uit het Rhône-dal.

Lyon, in zijn diepe kom, lag, als bijna altijd, nevelgrijs en grauw van

rook en mist; maar boven op de hoogte van Saint-Symphorien was 't als

een blijde zonnevuur dat op ons wachtte, een heerlijk-zacht-streelende

straling in een helderblauwen hemel.

En mijn dames, mijn lieve dames, die den vorigen dag van de zwoele

rijkheid der Bourgogne-streek maar half genoten hadden en ook verder 't

vale land wel erg eentonig vonden, genoten nu weer en juichten, gansch

herlevend in de warme zonnekoestering onder hun van lieverlede

neerzakkende plaids en mantels. Zij zagen bloeiende rozen langs de

gevels der huisjes en wilden die plukken; zij vroegen of 't niet

mogelijk was zoo maar in eens tot de violette en rose bergen door te

rijden, en zij hadden ook wel graag gevaren op het blauwe water van de

Rhône, steeds rustig zittend in de auto, die dan een schuitje zou

geworden zijn.

Ik deed haar de eerste, nog schrale, zilvergrijze olijfboompjes

opmerken, en ook de sombere cypressen, die, in dichte, zwarte, tegen den

wreeden mistral-wind beschuttende hagen, als langs kerkhoflanen staan,

en ook de teer-zacht-groene pijnboomen, de altijd frissche en groene,

die als een lenteglimlach zijn naast het te somber harde der cypressen.

"Les pins du Midi" noemde ik ze in 't Fransch, wat aan mijn tweede dame,

die wel aan distracties lijdt, de vraag ontlokte:

"Pain du Midi! Waar ziet u dat? Is er hier een bizonder soort brood?"

Zoo reden wij den ganschen dag, langs de rivier tusschen de bergen,

onder den blauwen hemel en de warme zon. Wij zagen die vroolijke,

zonnige, als 't ware voortdurend zingende en jubelende steden: Vienne,

Tournon, Valence, Montélimar (waar we géén nougat kochten), Orange met

zijn in het oranje avondlicht goudrose wordende, romeinschen triomfboog

en théâtre antique, en nog juist vóór schemering kwamen wij te Avignon

aan.

De vroolijke tocht · 第 16 / 41 题