Voisin.]

[Noot 128: De verdeling van het Frans leger in tien benden, onder het

bevel der ridders welke als Aanleiders zijn vermeld, komt overeen met de

historische beschrijving welke de heer Voisin ervan geeft.]

[Noot 129: Ziehier hoe de Chronyke van Vlaanderen, te Brugge bij

Andreas Wydts, omtrent het jaar 1725 gedrukt, zich in krachtige stijl over

de wreedheden der Fransen uitdrukt: "Het fransche volk, hetwelk met

ongehoorde razerny gheel het Zuit-Vlaenderen soo doorliepen dat er van

Douai tot Ryssel toe nogte Huis, nogte Casteel, nogte Kerk, nogte boom te

vinden en was. Hetgene de hartneckigste Ketters tot nog toe noyt en hadden

bestaen, scheen hier onder de Fransche toegelaten. Sy en spaerden nog man,

nog vrouw, nog kinderen. De beelden selfs, dewelcke sy in Gods kerken

vonden, en die de gedagtenis der Heiligen van Vlaenderen voorstelden,

hebben sy heyligschendelijk doorsteken. De kloosters wierden verbrandt, de

moningen vermoort, de maegden onteert, geschonden en mishandelt. Nogte men

konde geen verschil maeken tusschen dese hunne vervloekte ongebondentheyt

en de vervolginge van het helsch gespuis."]

[Noot 130: De Graef d'Artois kwam met het dikke van zyn leger en ging

zich neerslagen, op eene halve myl van Kortryk, op den Berg van Weelde,

heden genaemd de Pottelberg, tusschen de Leye en de straet naer Sweveghem.

De Leeuw van Vlaanderen Of de Slag der Gulden Sporen · 第 56 / 86 题