Wat moet toch een "bouquet", of, naar den nederlandschen naam, een
bloemruiker eigenlijk wel wezen?
Wat anders dan een bosje schoone, liefst welriekende bloemen, zoo
saamgevoegd dat hare schoonheid en al haar eigenaardigheden zoo
voordeelig mogelijk uitkomen? En wat is het tegenwoordig doorgaans?
Er is in de kunst van bloemen-schikken een zonderlinge gewoonte
ingeslopen, die, uit zuinigheid geboren, zich allengs tot een
heerschende mode heeft verheven. Het was namelijk, sinds lang,
een zuinigheidspraktijk der fransche bloemenmeisjes, om voor kleine
knoopsgatbouquetjes, die men voor een cent of wat op straat koopt, de
bloemen bijna zonder steel af te snijden, ze dan elk op een rietje te
steken en, met een paar bladeren er om, bijeen te binden. Het voordeel
hiervan ligt voor de hand. Op deze wijze toch kan men alle bloemen,
die een plant oplevert, gebruiken, zonder de nog onontloken knoppen
meê weg te knippen, en behoeft er ook volstrekt niet op te letten of
de plant in haar geheel goed uitgegroeid is: elk frisch puntje, zij
het van een nog zoo krom of verlept lot, is bruikbaar. Van lieverlede
nu is deze handgreep ook overgegaan op grooter en kostbaarder, uit
zeldzamer bloemen saamgestelde bouquetten. Daar, uit den aard der
zaak, die rietbouquetten een vrij gladde oppervlakte krijgen, en de
bloemen dicht tegen elkaar gepakt dienen te worden, (ten eerste om de
kortheid der stelen, en ten andere om de rietjes te bedekken), was men
vindingrijk genoeg, om van zoo'n vlak of bol een soort van mozaiek
te maken. Wij kennen allen de patronen, die bij dit knutselwerk het
meest in zwang zijn: b. v. ééne groote bloem in 't midden, dan een
kringetje groen, daar omheen weer een randje van een andere kleur,
enz. Soms worden er ook letters en cijfers in gewerkt, zooals ik het
onlangs in een zilveren-bruilofts-bouquet zag bewonderen: het getal 25,
uit knoppen van oranjebloesem samengesteld, midden in een groot vlak
van rozenknoppen en rozen.--Eén bezwaar had zich voorgedaan: Terwijl
in de centsruikertjes de rietjes zeer gemakkelijk verborgen werden,
bleek dit bij de grootere bouquetten (waarin het rietwerk gaandeweg tot
een vrij ingewikkelde stellaadje aangegroeid was!) vrij wat moeielijker
te wezen. Maar daar wist de industrie raad op; en zoo zijn sinds vele
jaren de welbekende bordpapieren kokers met uitgeslagen randen, een
belangrijk onderdeel van de kartonwerkerij geworden. Menig minnaar,
die zijn bruid op haar verjaardag een "hand-" of "vaasbouquet" wil
sturen, zou dien niet gaarne zonder zoo'n geijkten witten driehoek zien
bezorgen, maar misschien zeer geërgerd wezen, als men hem vraagde,
waarom hij zulk een op een goedkoopje gefabriceerden bouquet had
besteld. En menig bruidje, dat zoo'n "porte-bouquet" aanneemt, en
niet gaarne zou willen, dat men aan haar goeden smaak twijfelde,
beseft niets van het kluchtig loopje, dat de mode neemt met haar en
haar smaak, en vooral met haar begrippen van kostbaarheid en weelde.
Wie intusschen deze geschiedenis kent, en zich aan de stijfheid
dier bloementaartjes ergert, voelt den wensch opkomen, dat die mode
mocht veranderen. De mode nu is eene groote macht; doch welbekeken
is zij als een stout kind: er tegen praten kan men niet, maar ze is
gemakkelijk af te leiden. Een flink bloemist, met schoonheidsgevoel
in het hart en een voorraad mooie bloemen te zijner beschikking, zou
zeer licht iets beters "in de mode" kunnen brengen. Zeer geschikt zou
hij daartoe gebruik kunnen maken van den heerschenden eerbied voor al
wat oud-hollandsche kunst heet, zich beroepen op het oordeel onzer oude
schilders, en b.v. op de eerste de beste tentoonstelling, in een grijze
terra-cotta vaas van eenvoudig model, een groot bouquet à la van Huysum
ter tafel kunnen brengen. Het Trippenhuis of eene andere verzameling
van schilderijen zou licht een voorbeeld leveren, dat men in hoofdzaak
na kon volgen, vooral daar toch die hoofdzaak in niets anders bestaat,
dan in de eischen der natuur zelve. Zij--en van Huysum!--stellen op den
voorgrond, dat men alle schoonheid van de bloemen eere: niet alléén de
kleuren van haar kroontjes, maar ook de sierlijkheid, waarmee zij, op
haar stengel wiegend, zich verheffen of neerhangen; den rijkdom harer
vormen, in verband met de plant, die haar voortbracht; het kontrast
met het bij haar behoorend groen.--Het kost misschien meer bloemen en
meer zorg, in elk geval meer kunst-smaak, zulk een bouquet te maken,
dan een waarbij papier en riet te hulp komen. Daartoe toch kan men
slechts volkomen gave takken, trossen, pluimen nemen, en ten tweede is
die schikking niet gemakkelijk. Tusschen artistieke losheid en zeer
alledaagsche slordigheid is slechts één zeer klein stapje; en teêre,
levende, dorstige bloemen zijn een gevoelig, lastig materiaal. Soms,
als de bloemen zelven handelbaar zijn, is het groen weerspannig; en er
wordt takt en oefening vereischt, om daarvan juist zooveel te kiezen,
dat het altijd aan de bloemenpracht ondergeschikt blijft. Daarbij,
hoe meer verscheidenheid van kleuren, hoe meer gelegenheid voor fijne
schakeering, maar hoe meer gevaar ook voor bontheid en hardheid.--Dit
alles zijn bezwaren, en maken een Bouquet van Huysum,--om ons aan dien
naam te houden,--tot een waagstuk. Maar nochtans, als hij goed uitvalt,
zal hij stellig den eereprijs wegdragen in het oordeel van allen:
ook van hen die nu de rietjes-ruikers mooi vinden, omdat.... ja, omdat
bloemen nooit ophouden mooi te zijn, al wordt er nog zoo mee geknoeid!