Voor de stille, en wat men zoo ten onrechte noemt: »verloren« uren in
ons leven, is dit boek in de eerste plaats bestemd.
Om dan eens opgenomen te worden, en te midden van 's levens vaak zoo
vermoeiende sleur, door een ontdekkende, vermanende, vertroostende
gedachte ons een oogenblik de realiteit der eeuwige dingen wat naderbij
te brengen.
Om bij wat langer poozen ons in de een of andere levens- en
schriftwaarheid 'n weinig dieper in te leiden.
»Op de levensreis«, die voor velen zoo moeilijk, zoo bezwaarlijk is, mag
nu en dan een vriendenwoord, somwijlen een wenk van een vriendenhand
waarlijk niet overbodig heeten. Zulke woorden biedt dit boek zijnen
lezers aan; zulke wenken wil het hun geven.
Het werd uitsluitend geschreven door predikanten der Haagsche gemeente,
omdat zij meenden, dat dit sommige hunner gemeenteleden zou aantrekken.
Maar het is daarom volstrekt niet uitsluitend voor die gemeente bestemd.
Integendeel: de schrijvers zullen zich gelukkig rekenen, wanneer zij
elders, ook bij oude vrienden, lezers mogen vinden.
En zij koesteren de stille hoop menig hart tot zegen te mogen zijn.