Hier is de derde druk van "De Schippersjongen", of "Leiden in strijd
en nood."--Een nieuw boekje is het niet, maar er is toch zóó veel in
veranderd, dat ik op den titel "geheel omgewerkt" durfde zetten.--Het
veranderen der schoolboeken bij eenen nieuwen druk, heeft een groot
bezwaar, omdat men dan de verschillende drukken niet naast elkander
gebruiken kan. Dit bezwaar vervalt bij boekjes, als dit, echter geheel;
men leest zulk een boekje alleen.
Maar waartoe die groote verandering?
In den eersten en tweeden druk vertelde ik alleen van Leidens tweede
beleg met het daarop gevolgde ontzet. Het eerste beleg hing echter
zoo nauw samen met het tweede beleg, dat ik mijne hoofdpersonen
telkens van het verleden moest laten vertellen, en waar ik dat niet
deed, moest ik door noten ophelderingen geven. Die gesprekken over
hetgeen gebeurd was, gaven echter aan den inhoud wat stroefs en het
invlechten van ophelderingen brak het verhaal te vaak af. Nu meende
ik die gebreken weg te nemen door mijn verhaal kort na het eerste
beleg te beginnen. Deze bijvoeging van nieuwen tekst maakte op vele
plaatsen in den oorspronkelijken tal van wijzigingen noodzakelijk,
zoodat het boekje vrij wat grooter geworden is.
Een der jongenshelden van mijn verhaal is de schippersjongen gebleven,
doch ik heb hem nu den naam gegeven, welken hij werkelijk droeg. Hij
heette Cornelis Joppensz.--Ik gaf hem tot belooning eene marktschuit,
doch waarschijnlijk heeft hij wel niets gekregen, want den negentienden
Januari 1588 leverde hij een verzoekschrift in aan de Stads-regeering
om op zijne beurt op Amsterdam te mogen varen gelijk de andere
gildebroeders.
Ophelderingen genoeg. Mocht de Uitgever genoegen beleven van deze
derde uitgave, dan zal ik tevreden zijn, daar ik dan weet, dat "De
Schippersjongen" op zijne derde reis door Nederland nog een welkom
onthaal vond.
's-Gravenhage. P. LOUWERSE.