JANE AUSTEN (1775-1817)

Voor allen, die over uitgevers en publiek te klagen hebben, is deze

schrijfster, tijdgenoote van onze Betje Wolff en Aagje Deken, een

troostend voorbeeld, mits zij een even zuiver talent hebben als deze

Engelsche domineesdochter, die in het dorpje Steventon in Hampshire

geboren en getogen werd, en er haar eerste 26 jaren sleet. Want haar

eerste twee romans, _Pride and Prejudice_ en het hier in Nederlandsche

vertaling aangebodene _Sense and Sensibility_ schreef zij tusschen de

jaren 1796 en '98, maar kon er eerst in 1811 en 1813 een uitgever voor

vinden. Nog een derden roman had zij inmiddels geschreven _Northanger

Abbey_, en toen, ontmoedigd(?) de pen maar laten rusten.

Doch toen eindelijk haar twee oudste romans verschenen waren, duurde

het niet lang of onder de schrijvers van haar tijd werd haar werk

geprezen en gretig gelezen (éen van hen heeft later bekend, een

harer boeken 17 maal te hebben gelezen!) en nadat tusschen 1811 en

'16 zij nog drie romans bij de drie oudere gevoegd had (_Mansfield

Park_, _Emma_ en _Persuasion_) kon zij over haar roep gerust zijn. De

beroemde en gretig gelezen schrijfsters van haar tijd zijn vergeten;

haar werk leeft nog, even frisch als toen het geboren werd.

Zijn groote eigenschap is de fijne ironische observatie van het

burgerlijk leven van haar tijd en haar vermogen dit zonder eenigen

romantischen kunstgreep boeiend te maken. Haar menschen en haar

omgeving leven voor ons in een volkomen zuiverheid, en in haar

tijd, waarin men alles romantiseerde, kwam dit als een zoo groote

verrassing, dat zelfs de romantische grootmeester Walter Scott er haar

met ijver om prees. Er is weinig Engelsch werk, dat ons zoo aandoet

om zijn verwantschap met den geest van onze eigen Nederlandsche

letterkundige kunst als het hare. De geestigheid van Betje Wolff is

guller en meesleepender, maar Jane Austens werk staat zuiverder in

zijn afwezigheid van alle sentimentaliteit. Als teekenaressen van de

burgerklasse uit haar eigen omgeving wedijveren beiden, zonder dat

men een van beiden den eerepalm zou durven toekennen boven de andere.

"Haar fijne toets" en ondeugendheid van beschrijving zullen, naar

wij vertrouwen, ook onze lezers waardeeren, in de voortreffelijke

vertaling van Mevr. Van Uildriks, die tot ons leedwezen, de uitgaaf

niet meer mocht beleven.

Redactie W.B.

Gevoel en verstand · 第 8 / 61 题