DE ARTIST EN "HET OPENBARE LEVEN."

Een artist moet als 't ware wortelen in 't maatschappelijke leven ... ik

geloof,--als ik die plantkundige taal nog even mag gebruiken,--dat de

improductiviteit van veel artisten hieruit te verklaren is, dat zij al

't voedsel uit de lucht willen halen en niets uit de aarde. De enorme

productiviteit van Zola, die ons verbaast, van Balzac, die honderd

deelen heeft nagelaten, danken wij aan de omstandigheid dat die mannen

altijd voeling hebben gehouden met wat buiten de kunst gebeurt. En dat

hebben zij als artist verwerkt. Ja, een dichter die "versjes" wil maken,

die mag op zijn kamer blijven zitten. Maar wil je een groot man worden,

dan moet je leven midden in den strijd van je geslacht. Al weet je voor

't oogenblik niet altijd wat je er uit haalt, later zie je, dat je

ervaringen zich van zelf door je werk hebben gevlochten. Als Van Deyssel

dat gedaan had, dan zou hij de heerlijke, weelderige productiviteit van

een Balzac bezitten ... dàt is je ware! Ik ben een aanbidder van veel

werken, van 'n massa werken. Ik heb alle eerbied voor Flaubert die

dertig jaar aan één boek werkte ... maar wat heeft hij nagelaten? zes,

zeven boeken. En kijk nu die andere menschen eens ... wat een geweldige

produktie ... dat zijn de reuzeboomen in 't bosch geworden.

De mannen van '80 aan het woord Een onderzoek vaar eenige beginselen van de "Nieuwe-Gids"-school. · 第 99 / 162 题