[1] Met geen enkel woord maakt Verne melding van onzen Snellius,
die reeds in 1617 den boog bepaalde van den meridiaan over Leiden
tusschen de parallelcirkels van Alkmaar en Bergen op Zoom.
[2] Bij het meten van den meridiaan van Frankrijk, welke zich tot
Formentera uitstrekte, heeft Arago bij zijn 15en driehoek eene zijde
van 160.904 M. gemeten, die zich van de kust van Spanje tot het eiland
Iviza uitstrekte.
[3] Om onzen lezers duidelijk te maken wat eene geodesische opname
eigenlijk is en hun eenig denkbeeld te geven van de moeielijkheden
die haar somtijds in den weg kunnen staan, wordt het onderstaande
hier ter verduidelijking bijgevoegd: laat AB het gedeelte van den
meridiaan zijn, welker lengte men bepalen moet. Men meet met de
grootste nauwkeurigheid eene basis AC, door van het uiteinde A van
den meridiaan naar een eerste station C te gaan, daarna kiest men
aan weêrszijden van den meridiaan andere stations als D, E, F, G,
H, I, enz. van elk van welke men de naastbijgelegen stations zien
kan, en men meet met den theodoliet de hoeken der driehoeken ACD,
CDE, EDF, enz. Deze eerste bewerking stelt in staat, om die geheele
driehoeken te berekenen, want in den eersten kent men AC en de hoeken,
en men kan dus de zijde CD berekenen; in den tweeden kent men CD en
de hoeken, en men kan de zijde DE berekenen; in den derden kent men
DE en de hoeken en men kan EF berekenen, enz. Daarna bepaalt men,
in het punt A staande, de richting van den meridiaan op de gewone
wijze, en men meet hoek MAC, welke deze richting met de basis vormt;
men kent dan door berekening de zijde AC en de aanliggende hoeken
van den driehoek ACM, en men kan derhalve het eerste gedeelte AM van
den meridiaan vinden. Men berekent tegelijkertijd den hoek M en de
zijde CM: men kent dan in den driehoek MDN de zijde DM = CD-CM en
de aanliggende hoeken, en daarmede kan men het tweede stuk MN van
den meridiaan vinden, verder ook hoek N en de zijde DN. In driehoek
NEP kent men dus de zijde EN = DE-DN en de aanliggende hoeken, en men
kan het derde stuk NP van den meridiaan berekenen, enz. Men begrijpt,
dat men op die wijze stuksgewijze de lengte van den geheelen boog AB
bepalen kan.