XVII.

Waarin de theorie van dokter Ox verklaard wordt.

Wat had die geheimzinnige dokter Ox dan toch gedaan? Niets meer of

minder dan een fantastische proef.

Na zijn gasbuizen gelegd te hebben, had hij de openbare gebouwen,

daarna de bijzondere huizen en eindelijk de straten van Quiquendone

met zuiver oxygenium verzadigd, doch zonder ze ooit met een atoom

hydrogenium te voorzien.

Dit gas, overigens zonder smaak of reuk, in zulk een groote hoeveelheid

in den dampkring verspreid, brengt ingeademd, de ernstigste stoornissen

in het organisme teweeg. Door in een met oxygenium verzadigde ruimte

te leven, wordt men opgewekt, overspannen, men brandt!

Nauwelijks in den gewonen dampkring teruggekomen, wordt men weder

wat men vroeger was, zooals in het geval van den wethouder en den

burgemeester, toen zij boven in den klokketoren gekomen, zich wederom

in de gewone dampkringslucht bevonden, daar het oxygenium door zijn

meerdere zwaarte in de onderste lagen bleef hangen.

Maar door in zulk een toestand te leven, door dit gas in te ademen,

dat het lichaam zoowel als de ziel physiologisch verandert, sterft

men spoedig, evenals de dwazen, die te sterk leven!

Het was dus gelukkig voor de Quiquendoners, dat een door de

Voorzienigheid bewerkte ontploffing een eind aan deze gevaarlijke

proefneming gemaakt had, door de fabriek van dokter Ox te vernietigen.

Maar zouden nu, om te besluiten, deugd, moed, talent, verstand,

verbeeldingskracht, al die hoedanigheden of vermogens, afhangen van

een meerdere of mindere hoeveelheid oxygenium in de atmosfeer?

Dat is de theorie van dokter Ox, maar men heeft het recht haar niet

aan te nemen en wat ons betreft, we verwerpen haar in alle opzichten,

niettegenstaande de fantastische proefneming, waarvan de achtbare

stad Quiquendone het tooneel was.

Het Stoomhuis: De Waanzinnige der Nerbudda (2/2) · 第 44 / 47 题