ROSENTANZ.

1 Zou ik niet mogen ingaen? ingaen?

rosabloemen op mynen hoed!

waren wy, waren wy alzoo zoet!

rosabloemen op mynen hoed!

Rosa myn alderzoet!

2 Zou ik niet mogen kiezen? kiezen?

rosabloemen enz.

3 Zou ik niet mogen kussen? kussen?

rosabloemen enz.

4 Zou ik niet mogen wafels bakken? wafels bakken?

rosabloemen enz.

5 Zou ik niet mogen uutgaen? uutgaen?

rosabloemen enz.

Snellaert bei Willems bl. 297.

Noch bruchstücklicher das Lied, welches Willems von unbekannter Hand

erhielt, Nr. 127.

1 Rosa, willen wy dansen?

danst Rosa, danst Rosa!

rosabloemen op haren hoed,

zy hadde geld, maer weinig goed.

danst, Rosa zoet!

2 Rosa, willen wy kussen?

kust Rosa, kust Rosa! enz.

3 Rosa, willen wy kroonen?

kroont Rosa, kroont Rosa! enz.

¶ Nr. 140.

Niederländische Volkslieder · 第 148 / 217 题