Het schip van het Oldenzijlsche kerkje, in vijf traveeën verdeeld,
was eertijds geheel overwelfd, waarvan echter, behalve enkele aanzetten
van gordelbogen en ribben, slechts één gewelfveld is overgebleven; de
ruimte wordt thans grootendeels gedekt door een houten balkzoldering,
die ultramarijn-blauw is geschilderd. Het koor heeft ook zijn
koepelvormige overwelving behouden; de muren hiervan zijn met rondbogen
op gekoppelde zuiltjes geleed. Ondanks het interieur zoo gehavend is,
maakt het toch nog een gunstigen indruk, waartoe ook wordt bijgedragen
door de fraaie preekstoel uit 1768 en eenige eikenhouten banken met
decoratief snijwerk, waarin wapenschilden zijn opgenomen.