DE TOWER.

"Hebt gij pleizier, om een reisje met mij te ondernemen, waartoe een

lange adem vereischt wordt?" vroeg mij mijn vriend C... op zekeren

morgen.

"--Juist ben ik willens, er een te ondernemen. De tijd, welke ik

hier zou doorbrengen, is bijna verstreken, en ik verzeker u, dat ik

er geenen enkelen dag zal aanknoopen."

"--Daarover wilde ik u niet spreken. Maar gij kunt toch onmogelijk deze

stad verlaten, zonder de Engelsche Bastille gezien te hebben. Ik kwam

hier, om u eene wandeling naar den Tower voor te slaan. Onderweg zal

ik u een en ander aanwijzen, dat gij tot hiertoe nog niet gezien hebt."

Met deze woorden begaven wij ons op weg: het kon naar waarheid een

reisje genoemd worden; want de straat, waarin ik woonde, was twee

groote uren van den Tower gelegen.

Toen wij, na eenen marsch van een uur, de gevangenis van Newgate

bereikt hadden, zagen wij eene groote menigte volks bij elkander,

welke vol verlangen en met ongeduld op iets scheen te wachten, even

als de liefhebbers het ophalen van de gordijn in den schouwburg

reikhalzende te gemoet zien.

"Weet gij ook de reden van deze drukke bijeenkomst? vroeg ik mijnen

vriend."

--"Er zal een misdadiger opgehangen worden. Ziedaar, hij is reeds op

het schavot!"

--"Ei, ei! is dat eene der zeldzaamheden, welke gij beloofd hebt mij

onder weg te laten zien?"

--"O neen, mijn vriend! dit is een louter toeval. Daarenboven behoort

dit schouwspel onder het kleine getal van die dingen, welke men te

Londen gratis kan zien."

--"Hartelijk dank! Ik zou er integendeel wel iets voor willen betalen,

om het niet te zien. Ik bid u derhalve, mijn waarde! laat ons eenen

anderen weg nemen."

--"Zoo als gij verkiest.--Voormaals plagt men de strafoefeningen in

Tijburn te verrigten, maar tegenwoordig hebben zij altijd voor de

gevangenis van Newgate plaats. Men zet tegen een venster van eene

kamer der gevangenis een schavot op. De veroordeelde stapt uit het

raam op het straftooneel, en is vergezeld door eenige geestelijken,

welke hem trachten te bemoedigen. Terstond werpt de scherpregter

hem de koord om den hals, maakt het eene einde aan de galg vast,

en laat den misdadiger aldus eenige oogenblikken staan. Eensklaps

wordt de plank, waarop de ongelukkige staat, gewipt, en ziedaar

hem met de koorde gestraft, dat er de dood na volgt, waarvoor de

Engelschen in hunne taal eene bijzondere uitdrukking hebben en het

noemen: Iemand in de eeuwigheid overslingeren. Voor de strafoefening

wordt den lijder een glas bier aangeboden, en men gunt hem den tijd,

om hetzelve op zijn gemak uit te drinken.

Een zeker misdadiger, zoo het scheen, niet begeerig, om de groote

plegtigheid te vertragen, bedankte voor het aanbod van dezen

comfortable drank; doch naauwelijks had hij den grooten sprong gedaan,

of er werd pardon voor hem aangekondigd. Hiervandaan het Engelsche

spreekwoord: "Had hij zijn glas bier uitgedronken, hij zou nog leven!"

Aldus zamen koutende, waren wij ongemerkt aan den kruisweg gekomen,

waar de Prince-, Poultrij-, Cornhill- en Lombard-streets op uitloopen.

In dezen omtrek zijn de bank, de beurs en het stadhuis gelegen. Mijn

vriend C... liet mij deze drie gestichten bezigtigen. Het uitwendige

dezer gebouwen is niet onbevallig en kenschetst zelfs zeer veel

smaak; maar van binnen is alles ten uiterste slecht gerangschikt en

verdeeld. Men vindt er niets dan eenige ruime zalen, die allen zeer

donker, treurig en somber zijn.

Eindelijk kwamen wij aan den Tower, of den Toren, die echter, in den

eigenlijken zin van het woord, geen toren kan genoemd worden, maar

die veeleer eene vesting gelijkt, met verscheidene torens voorzien,

in welke men verschillende straten en gebouwen aantreft.

Hier zoude ik met weinig moeite een vrij lang hoofdstuk vol

van beschrijvingen en geleerde onderzoekingen kunnen inlasschen,

doch daar ik eenmaal bij al, wat heilig is, gezworen heb, mijnen

lezers nimmer voorbedachtelijk een slaapdrankje in te geven, zal ik

mij geenszins verdiepen in het nasporen, of Julius Caesar den Tower

heeft laten bouwen, die zijnen naam voert, en of de zoogenaamde Witte

Toren, die nogtans even zoo zwart en berookt is, als al de anderen,

Willem den Veroveraar tot stichter gehad heeft: ook wil ik mij in

geen geschil inlaten, in welk vertrek Hendrik VI., op last van Eduard

IV., den dood heeft ondergaan; of in welk eene andere kamer deze en

gene in Engeland beroemde, schoon in andere landen geheel onbekende,

personaadjes zijn opgesloten geweest; maar mij liever alleen bepalen

tot de verschillende publieke stichtingen, welke in dit uitgestrekte

gebouw vervat zijn, en welke allen wij gingen bezigtigen.

Lieden, die met een beestenspel van stad tot stad op de kermissen

rond reizen, om het geëerde publiek, tegen billijke betaling, eenige

vreemde en uit verre landen aangebragte dieren en vogels te laten zien,

hebben altijd de gewoonte, om boven of naast den ingang van hunne

vertoonplaats eene schilderij op te hangen, waarop eenige van die

merkwaardige voorwerpen zijn afgebeeld. Evenzoo wijst ook hier een

geschilderde leeuw den vreemdelingen den ingang van het dierenpark

aan. De poort is van eene groote schel voorzien, en de deurwachter

staat altijd gereed, om u, tegen betaling van eenen shilling, en

nog iets, dat de Engelschen eene erkentenis noemen, en dat in eene

vrijwillige extragift bestaat, binnen te laten. Wij behoefden echter

niet aan te schellen; want zoo als wij aan de deur kwamen, werd zij

juist geopend voor eenen man, die met den deurwachter in gesprek was.

"Jezus mein Gott! riep hij uit, Geld, Geld, und immer Geld!"

"Deze heer is een Duitscher," zeide ik tegen mijnen vriend. Dit had

hij gehoord, en zeide daarop terstond tegen mij "Ach, mein Herr, ich

kann wohl Englisch und Französich sprechen; es ist aber abscheulich,

dass man in diesem fatalen Lande gar nichts sehen und haben kann,

ohne Geld!"

--"Ja, dat is hier zoo het gebruik, mijnheer! en daarnaar dient men

zich te schikken."

Intusschen hadden wij de taks betaald, en de deurwachter wees ons al

de daar logerende gasten, den eenen na den anderen, aan. Het getal der

beesten is niet zeer groot: even als te Parijs, zijn zij in naauwe

hokken opgesloten, waarin zij, van lucht en beweging verstoken, een

plantenleven leiden, en den aanschouwers niets anders aanbieden dan

de schaduwe van hetgene zij in waarheid moesten zijn. Laat ons echter

hopen, dat wij in de laatstgenoemde stad eenmaal de leeuwen, tijgers

en al de andere vreemde dieren met dezelfde onderscheiding zullen

zien behandelen, welke men, sedert eenige jaren, voor de beeren gehad

heeft, en dan eerst zal Parijs zich kunnen beroemen, een dierenpark

te bezitten, hetwelk der hoofdstad van Europa eer aandoet.

Nu verlieten wij het verblijf, waar deze verwoestende schepsels waren

opgesloten, om eene plaats te bezigtigen, die diende ter bewaring

der stoffe en werktuigen, om voedsel te verschaffen aan de woede en

wraakzucht van een schepsel, nog duizendmaal wreeder en bloeddorstiger

dan de verschrikkelijkste woudbewoners. De lezer begrijpt ligtelijk,

dat ik hier het arsenaal bedoel.

"Wie viel?" vroeg mij de Duitscher, ziende, dat wij de handen in den

zak staken.

"Maar drie shillings!" antwoordde ik hem, "en dan de erkentenis!"

"Der Teufel!" riep hij uit, terwijl hij inmiddels zijne schellingen

ten offer bragt.

Het arsenaal bestaat uit zes groote afdeelingen. In vier derzelve

vindt men eene ongemeen talrijke verzameling van allerlei wapenen en

geschut, zoo wel voor voet- en paardenvolk, als voor den zeedienst. In

de twee andere afdeelingen wordt een groot aantal zeldzaamheden

bewaard, als oude wapenrustingen, schilden, standaarden en andere

veroverde eereteekenen, door de Engelschen, ter herinnering van hunne

voormalige overwinningen, alhier ten toon gesteld. Ook wordt hier den

bezigtiger de bijl vertoond, waarmede de ongelukkige Anna is onthoofd

geworden, alsmede een afbeeldsel van de koningin Elizabeth, enz. Van

hier kwamen wij in een vertrek, waar de meubelen der Kroon bewaard

werden. Intusschen vermaakten mijn vriend en ik ons niet weinig met

de grappige houding van onzen Duitscher; want bij iedere andere deur,

welke ons geopend werd, trok hij zulke benaauwde gezigten, als of

hij op naalden en spelden zat, telkens eene uitroeping doende, welke,

hoe langer hoe meer, in den kruistoon eindigde.

"Sacrement!" zeide hij, terwijl hij, met een gespannen en strak gelaat,

zijnen shilling aan deze deur paste; "So etwas braucht man zu Wien

nicht zu bezahlen. Ich bin zu Neapel, Paris und Madrid gewesen,

habe da jede Merkwürdigkeit gesehen, aber immer gratis!"

Men moet echter toestemmen, dat het beschouwen der kostbare en

zeldzame voorwerpen, die aldaar bewaard worden, en die op twee

millioenen sterling (48,000,000 liv.) geschat zijn, wel eenige

shillings waardig is.

Nu bleef de kapel nog ter bezigtiging over, maar mijnheer de Duitscher

hield volmondig staande, dat het gezigt van eene Engelsche kapel geenen

schelling waardig was, en nam hier afscheid van ons. Wij beiden, mijn

vriend en ik, bleven echter bij ons voornemen, doch zagen welhaast,

dat hij geen ongelijk had gehad, want wij vonden volstrekt niets,

dat eenige aanmerking verdiende.

Hiermede eindigde mijn bezoek aan den Tower, hetwelk mij nu tien

shillings (12 fr.) kostte, de verschillende erkentenissen hieronder

begrepen.

Vijftien dagen te Londen, op het einde van 1815. · 第 58 / 70 题