Op het gezag van den Figaro van Beaumarchais, geloofde ik, dat
het woord Goddam! de grond van de Engelsche taal was, en dat alle
andere woorden en spreekwijzen slechts aanhangsels en bijvoegsels
van hetzelve waren. Doch ik kan u, op mijn woord van eer, verzekeren,
waarde lezer! dat ik dit woord, gedurende mijn verblijf te Londen, niet
eenmaal heb hooren uitspreken, en daarenboven heeft men mij verzekerd,
dat het slechts alleen bij de laagste volksklasse in gebruik is,
en dan nog maar zeer zeldzaam, wanneer namelijk de gemoederen door
gramschap of sterke dranken verhit zijn.
Maar er zijn evenwel (het is mooi weer! de lucht staat
regenachtig! waarmede alle gesprekken gewoonlijk beginnen,
uitgezonderd) nog verscheidene andere spreekwijzen, waarvan men zich
gedurig bedient, en welke bij alle gelegenheden gebruikt worden.
Met weinig moeite zou ik van deze waarheid een groot aantal voorbeelden
kunnen bijbrengen; doch ik wil mij slechts tot het bijvoegelijk
naamwoord bepalen, hetwelk mijne vorige afdeeling geëindigd heeft.
Reeds heeft de lezer gezien, dat een middagmaal, waarover men
tevreden is, in een woord, een goed middagmaal, dat dit, zeg ik,
genoemd wordt comfortable.
Op zekeren dag bevond ik mij in een huis, waar ik eene jonge juffer,
vol geest, bevalligheid, bekwaamheden en ten hoogste beminnelijk
ontmoette. "Zoudt gij wel gelooven," zeide een heer, die naast mij zat;
"dat dit bevallige schepseltje een lief klein vrouwtje zou kunnen
worden, en wel zeer comfortable?"
Een andermaal ondervroeg men mij, over al hetgene ik in Londen gezien
had: men begeerde mijne gedachten over verscheidene onderwerpen
te weten, en ik was voorzigtig genoeg met Horatius op alles te
antwoorden, pulchre! bene! recte! fraai! wel! goed! want voor eenen
echten Engelschman zijn de, uit de Theems opgerezene en opeengepakte,
neveldampen aangenamer, dan de heldere blaauwe hemel in Italie, en
de bewalmde en berookte muren te Londen verre verkieslijk boven de
prachtige, op hun ronde en sierlijke zuilen rustende gebouwen van
de Louvre.
"Het is wel jammer," zeide eene dame tegen mij, "dat de vaux-hall in
dit jaargetijde niet geopend is, en gij dezelve dus niet hebt kunnen
zien! Van alle publieke plaatsen, waar men altijd goed en fatsoenlijk
gezelschap aantreft, is deze, buiten tegenspraak, de meest comfortable.
"Bijaldien gij eenige dagen in Derbijshire kondet doorbrengen,"
zeide mij een zeker Lord, "dan zoudt gij mijn park en mijn kasteel
kunnen zien: ik zelf ben de schepper zoo wel van het eene, als van
het andere: de eer der uitvinding en de schikking behoort mij alleen:
er bestaat nergens een verblijf, zoo aangenaam, zoo comfortable."
Ik had eenen zijden, van binnen met watten gevoerden, overrok,
hoedanigen men veel in Frankrijk draagt. "Het is wel jammer," zeide
een jong mensch van mijne kennis, "dat deze zijden jassen hier te
Londen niet in de mode zijn; want ze schijnen mij zeer comfortable."
Wilt gij te Londen een schoon huis doen bouwen, ten minste zoodanig
een, dat daar voor schoon gehouden wordt--(het schoone toch is
betrekkelijk; want de afzigtelijke gezellin van den Hottentot bezit
in zijne oogen meer bekoorlijkheden, dan de bevalligste van onze
Parijsche Helena's.) Wilt gij dus te Londen een huis doen bouwen,
hetwelk het nuttige met het aangename vereenigt, hetwelk in vele
bijzondere en volkomen evenredige vertrekken is afgedeeld, waarvan
de deuren en vensters goed sluiten, iets, dat al vrij zeldzaam te
Londen is!--kortom, begeert gij een huis naar de beste Engelsche
bouworde? welnu, laat dan den metselaar komen, en met een enkel
woord, kunt gij hem verstaanbaar en begrijpelijk maken al, wat gij
verlangt. Gij behoeft niet anders te zeggen, dan: "ik wensch den bouw
van mijn huis comfortable."
Niets is insgelijks ellendiger dan het Engelsche kolenvuur, de eenige
bekende brand in de drie vereenigde rijken. De zwarte, dikke rook,
welken de kolen veroorzaken, en die zich overal aan hecht, verpligt u,
gezigt en handen wel tien-, ja twintigmaal op éénen dag te wasschen,
om niet binnen vierentwintig uren tijds voor eenen kolendrager gehouden
te worden. Ook wordt er eene bijzondere bekwaamheid toe vereischt,
om zulk een vuur aan te leggen en aan den gang te houden; want neemt
men te veel kolen, dan dooft het al spoedig uit; neemt men te weinig,
dan gaat het uit door gebrek aan voedende stof; roert men al te druk
in de kolen, dan verdwijnt de vlam, en men zit, eer men het weet,
aan eenen kouden haard; gebruikt men den pook in het geheel niet, of
geeft men hem te veel rust, dan goeden nacht vlam en gloed! dan vormt
zich eene korst over de weleer brandende oppervlakte, en er volgt
eene geheele verduistering, welk lot der zon ook eenmaal te beurt
moet vallen, zoo men eenen zekeren sterrekijker mag gelooven!--Welnu,
wanneer dit ellendige vuur voor eenige oogenblikken, (dat echter eene
ware zeldzaamheid kan genoemd worden!) eens lustig in het haardje
brandt, en eene heldere vlam van zich geeft, dan is het al wederom
een comfortable vuurtje!
"Indien het u gelegen...... Wat is er? wat wilt gij?"
"Ik zou gaarne weten, mijnheer!" zeide mijne hospita, "of gij dezen
morgen uitgaat, want ik wilde in uwe afwezendheid den boel eens
schoon maken."
--"Wat is er dan zoo al te doen?"
--"Tapijten uit te kloppen, glazen te wasschen, de vloer te vegen,
en de meubelen te wrijven, in een woord, mijnheer! uw verblijf in
orde te brengen, opdat men zeggen kan, het is comfortable."
--"Niets liever dan dat, mejufvrouw! oogenblikkelijk zal ik u daartoe
ruimte geven, want ik ga eene wandeling doen.
En hierdoor voorkwam ik de verdere herhaling van dit overheerlijke
comfortable, hetwelk zij zeker nog op vele andere voorwerpen zou
toegepast hebben. Ook kan ik, mijns oordeels, deze afdeeling niet
beter eindigen, dan met den hartelijken wensch, dat mijne lezers
zich er mede mogen vermaakt hebben, en ongeveinsd kunnen uitroepen:
"het was tamelijk comfortable."