Zijn kunstnaars-ziel vol reine klanken
Ontvonkte in ons den zin voor 't schoon.
SOLO sopraan.
Welluidender werd steeds de toon
In onzen kring.
TRIO sopraan, tenor, bas.
Helaas! tot loon
Ontvangt hij nu, in 't somber graf
Waaraan de dood hem overgaf,
Ons diep weemoedig danken.
SOLO tenor.
Luister: "Treurt niet over mij,"
Zoo ruischt zijn stem in 't suizend koeltje ons toe:
"De toonkunst, 't rijk der melodij
"Was reeds van eeuwigheid. Ze is de adem Gods!
SOLO sopraan.
Ja, blij te moe
"Zal zelfs het vogeltje in 't woud bij 't uchtendpralen,
"U dat zoet schallende verhalen.
SOLO tenor.
"Waartoe dan rouwe nu! Wie heeft er mij te danken!
"In 't Heiligdom der klanken
"Zijn _vele_ Priesters. Op dan! Op! Weent bij hun assche niet;
"Onsterflijk is de harp, onsterflijk is het lied!"